Marcel

  • Dag 5 Rondje Kerry en Beara

    k wordt voor de wekker en uitgerust wakker. Ik ga uit bed om lekker te douchen. Na een poosje is iedereen op en we gaan kijken voor ontbijt. Maar beneden is nog niemand dus nog maar even wachten. Om een uur of half negen loop ik weer naar beneden en dan is er wel personeel. We hoeven vandaag niet onze spullen op de motor te doen want we blijven hier nog een nachtje en het voelt of we zeeën van tijd hebben. Na het ontbijt gaat de motorkleding aan maar eronder toch de fleece. Want hoewel het er mooi uitziet is het toch wel koud. Het mooie weer is een verademing van de afgelopen twee dagen. Hoewel je weet wat het weer kan doen in Ierland is het niet zo dat het prettig rijdt wanneer het regent. Ook het maken van video’s en foto’s schiet er dan een beetje bij in. Maar vandaag ziet het er goed uit en uit de voorbereidingen had ik het idee dat dit wel eens het mooiste stuk van Ierland gaat zijn. Rond kwart over negen rijden we weg in noordelijke richting, we gaan de ring van Kerry tegen de klok in rijden. Voor we Kenmare uitrijden tanken we eerst even dan kunnen we er voor vandaag weer tegen. De route begint gelijk al mooi en slingert zich naar Mol’s gap waar we een paar foto’s maken. We stoppen maar kort want alles is verder dicht. We verlaten de doorgaande weg om een tussendoor slingerweg te rijden. De weg is erg smal en het asfalt kan wel een opknapbeurt gebruiken. Misschien moet de regering van Ierland net als Spanje kijken wat Europa voor hun kan betekenen. De wegen in Spanje liggen er strak bij. Maar het is wel een mooi avontuurlijk weggetje waar we met een slakkegangetje overheen tuffen. We zien nog een mooi meer maar omdat de klok tikt stoppen we wel voor foto maar stappen we niet af. Inmiddels komen ons ook de paard met wagen tegemoet. Ik had er over gelezen maar het waren er maar paar in tegenstelling wat in het boek stond, dat je er veel last van had. Hierna draaien we naar het westen en rijden we aan de kust van het schiereiland. In Glenbeigh stoppen voor koffie bij de restaurant “the two towers”.

    We krijgen een geurige bak koffie en het smaakt ons prima. Na de koffie rijden we weer verder. De weg gaat als het ware helemaal langs de kust. Voor de lunch stoppen we aan de zuidkust van Kerry bij Glenbeigh Beach. Als je de foto’s ziet lijkt het wel of ergens in zuid Frankrijk zijn, maar dit is ook Kerry. Het restaurant heeft tafels buiten en een glazen afscheiding beschermt ons voor de wind over de koude atlantische oceaan. We kiezen wat lekkers uit en genieten van het eten en het uitzicht. Na de lunch rijden we weer in oostelijke richting verder, terug naar Kenmare, maar omdat we nog tijd hebben besluiten we nog naar Healey’s Pass Dus in Kenmare gooien we de brommers nog even vol bij de pomp en gaan naar het schiereiland Beara dat ten zuiden van Kerry ligt. Op Beara ligt Healey’s Pass. De weg volgt een stukje de Noordkust van het schiereiland. om vervolgens naar het zuiden af te buigen. De weg lijkt een beetje op een landweg en de toestand is niet best. Maar het uitzicht is werkelijk schitterend. Daarvoor waren we naar Ierland gegaan de mooie natuur. We nemen ruim te tijd om foto’s te maken.

    Daarna rijden we naar de zuid kust van Beara en vervolgen onze weg richting het westen. Als we weer richting het oosten gaan stoppen weer om wat foto’s te maken. We kijken van af boven naar de kust beneden waar de golven de kust bombarderen. We slingeren met de kustweg terug richting Kenmare. Onderweg zien we een ongeluk tussen een auto en fietser, welke voor de laatste desastreuse gevolgen heeft gehad. Daar worden we toch een beetje stil van. We hadden het onderweg wel gehad over de onoverzichtelijke bochtjes maar dat dit ook een fietser treft wordt je wel stil van. We zijn dan niet ver meer van Kenmare. In Kenmare parkeren we de motoren weer achterom en ik hang alle spullen die opgeladen moeten worden aan de stroom, daarna gaan we naar beneden in de bar voor een biertje. Het is gezellig beneden en als even later een meneer met een gitaar zijn liedjes ten gehore brengt besluiten we ook maar voor het eten te blijven zitten. Maar in plaats van een volledige maaltijd bestellen we een paar rondjes starters zodat we van alles kunnen proeven. Otto overtuigd ons dat we ook het lokale bier moeten proberen. Ik laat me overhalen maar het is niets voor mij, ik ben sowieso niet zo’n bierdrinker. We blijven tot circa middernacht voor we naar bed gaan. Morgen is het schiereiland Dingle aan de beurt.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 4 Youghal – Kenmare

    Na een goede nachtrust sta ik op om te gaan douchen. We slapen in een comfortabel appertement in Youghal. Helaas kun je in het restaurant niet ontbijten dus moeten we onderweg wat vinden. Er staan in de keuken wel zakjes thee en oploskoffie en gaan we wel eerst een bakkie doen. Dat smaakt eigenlijk best goed. De rest van de crew is ook op en langzaam maken we ons gereed om richting Kenmare te rijden. Het weer is nog best grijs, hopenlijk krijgen we vandaag de zon te zien. Nog even de kopjes afwassen en de sleutel inleveren en dan kunnen we. Tegen negen uur draaien we van uit de binnenplaats weer de weg op, zonder te vergeten om aan de linkerzijde te rijden. Via de binnenweg die we gisteravond ook heb gereden komen we weer op de doorgaande weg. Ik weet dat het slechts een stukje is voor dat we er weer af moeten om binnendoor verder te rijden. En inderdaad komt de afslag snel en volgt er een ingewikkeld patroon van rotondes, gelukkig navigeert truus me vlotjes doorheen. En opeens rijden we weer aan de waterkant. Ik zie een stuk verderop de pont aan onze kant van de rivier liggen, ik laat me verleiden om via de uitrit de pont op te rijden. We staan net stil als ik de pont in beweging komt. Da’s mooi dat scheelt weer wachttijd, hoewel dat ook wel weer meevalt want we zijn vlug aan de overzijde. Aan de overkant zoek ik zowel een plekje waar we kunnen ontbijten en een tankstation. Na toch wel een behoorlijk stuk rijden zie ik op de navi een tankstation een stukje van de route vandaan. Daar aangekomen tanken we de brommers vol en genieten we op ons gemak van het ontbijt. Het tankstation heeft een afdeling waar je broodjes kunt laten beleggen. De bediening is verbaasd dat we niet voor de worstjes en de spek met eiren gaan maar dat we een boterham willen. Maar ik ben tevreden met het de boterham die toch weer groter uitvalt dan ik dacht, ik krijg hem amper op. Lekker bakje koffie erbij en we zijn weer helemaal het mannetje. Na het heerlijke ontbijt rijden we weer terug naar de route en volgen deze weer verder. De route volgt voor een deel de zuidkust van Ierland. Regelmatig zien we de atlantische oceaan of een rivier die uitmond hier in. In Timoleage stoppen we voor foto’s bij een ruïne, helaas is er niets open voor een bakje koffie. Wel een mooi plekje voor fotos’s dat dan weer wel.

    De zon laat zich zowaar even zien en we genieten van het uitzicht. Maar we moeten nog een stukje dus vertrekken we richting Kenmare. We volgen weer de kust via leuke vissersdorpjes. In één van deze dorpjes stoppen we bij de Glandore Inn voor een late lunch. Op het menu zie ik crab cakes staan, dat zou ik wel willen proberen. Dat is natuurlijk gefrituurd dus ik wil wel een kleine portie, we moeten vanavond ook nog eten. Dus Jeroen en ik bestellen bij de lieftallige jongedame een kleine menu met crab cake, Otto en Gerard houden het bij een soepje. Wanneer we het eten uitgeserveerd wordt blijkt het toch een grotere portie te zijn dat ik gedacht had. Ik denk als dit klein is, wat moet dan die grote portie dan niet voor een hoeveelheid zijn. Maar ja we hoeven het natuurlijk niet helemaal op te eten. Ik heb net de eerste hap genomen, als de lieftallige serverster met de kleine portie komt aanlopen. Blijkt dat we de bestelling van andere gasten hebben gehad, oeps jammer ik heb er al van gegeten. Dus hadden we toch de grote portie. De lunch heeft ons goed gesmaakt, maar het is weer tijd om op te stappen. We gaan weer vlug op pad. We rijden via allerlei binnen wegen naar Bantry. Daar had ik een koffiestop gepland. Maar in Bantry is het heel druk, er is markt. We stoppen even om de benen te strekken maar we zitten eigenlijk vol van de lunch, dus houden we het bij de benen strekken, foto’s en een paar marktkraampjes bekijken. We hebben wel wat bekijks en een paar dames op leeftijd komen een praatje maken. Na deze korte stop rijden we richting het noorden verder. Het landschap verandert wat naar meer rots en bergachtig. Op min of meer het hoogste punt stoppen we even voor foto momentje.

    De weg voert verder over de bovenkant van de heuvels, door verschillende tunnels die uit de rots zijn gehouwen. In de vroege avond komen we aan in Kenmare, ons thuis voor de komende twee nachten. Kenmare is het begin van de ring of Kerry ons doel voor morgen. Bij O’Donnabhain’s stoppen we voor de deur. Bij het inchecken blijken we tot onze opluchting achterom onze motoren te kunnen parkeren. Het hotel blijkt een gouden zet. We hebben twee kamers naast elkaar met een gezamenlijke zitkamer. Snel ontdoen we ons van de motorkleding en dan is echt tijd voor de kouwe kletser. Voor het diner blijven we gewoon zitten. Je kunt hier prima eten. Lachuh Gerard doet vergelijkend waren onderzoek, hij besteld elke avond een Angus burger. Na het eten lekker een koffie die gaat er ook wel in en dan is het natuurlijk tijd voor een biertje. Otto verwijt ons van cultuurbarbarisme om dat we geen lokaal biertje drinken. Dat kunnen we niet op ons laten zitten en we bestellen het lokale bier. Maar na een paar slokken ben ik er achter dat dat niet voor mij is weggelegd. Ik wil gewoon een blond bier. De avond is gezellig compleet met live muziek en we genieten met volle teugen van de liederlijke verhalen die de zanger ten gehore brengt. Rond middernacht stopt de zanger er mee en in ieder geval voor mij is dan ook om mijn mandje op te zoeken. Al met al een mooie rit met veel bezienswaardigheden.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 3 Dublin naar Youghal

    De wekker moest er aan te pas komen om mij uit de comfortabele slaap te halen. Met frisse tegenzin kom ik geeuwend in beweging. Ik heb een douche nodig om de laatste restjes slaap weg spoelen. Slaap maakt vervolgens plaats voor honger, maar eerst Otto ook maar de gelegenheid geven om zijn haren te kammen.  Valt niet veel te kammen dus kunnen we lekker snel aan het ontbijt. We moeten een verdieping naar beneden voor de ontbijtzaal. Het ontbijt ziet er keurig uit, maar na het vele eten van gisteren houd ik het bij yoghurt wat fruit en natuurlijk een bak koffie. Gisteravond had ik spulletjes alweer in de binnenstad gedaan. Dus ik loop op m’n gemak twee keer naar de motor. Het waait en het is behoorlijk fris. Het lijkt erop dat het gaat regenen, dat hoort bij Ierland. Rond negen uur vertrekken we bij het hotel. Het is behoorlijk druk in Dublin, we proberen ons door kluwen  auto’s te wurmen. Door de vele verkeerslichten moeten regelmatig op elkaar wachten. Eenmaal Dublin uit rijden we Wicklow mountains in. De bewolking hangt laag en niet veel later rijden we in de mist. Tot overmaat van ramp komt de wind en de regen horizontaal voorbij. Het wegdek is geasfalteerd en het zal best ooit eens vlak zijn geweest. Veel sneller dan veertig kilometer per uur halen we niet. Jeroen rijd achter mij en we zijn Otto en Gerard kwijt. We wachten een poosje en even later komen ze toch. Blijkt dat Otto was gestopt omdat hij dacht dat hij een lekke band had. Het was echter een combinatie van wind en slecht wegdek waardoor het lijkt of je zijwaarts wegschuift zoals bij een lekke band. Ik ontwijk een flinke plas en kijk in mijn spiegel of Jeroen deze ook opgemerkt heeft maar nee en het is te laat om te reageren. Het water spat zeker 2 meter in beide richtingen als Jeroen door de plas heen rijdt. Jammer dat ik geen actioncam naar achteren heb gericht zou een mooi beeld zijn geweest. Langzaam rijden we weer omlaag en we kunnen weer wat zien. Het is al elf uur en we hebben nog geen koffie gedronken en zijn ook toe aan een tankstop. Rond kwart over elf komen we aan in Laragh bijna twee uur gereden over vijftig kilometer. In Laragh is een tankstation bij een supermarktje en bestaat uit één pomp. Om de beurt voorzien we de motoren weer van hoogoctaan houdende brandstof, hiermee halen we onze bestemming. Bij een hotel-restaurant bestellen we koffie en natuurlijk wat lekkers erbij, we hebben tenslotte ook een beetje vakantie. Naar een half uur gaan we vlug weer op pad. Gelukkig is het droog geworden, maar er hangt wel nog een dreigend wolkendek, dus de motorkleding houden we maar aan. We maken wat tijd goed door er goed de sokken in te zetten richting het zuiden. Kilometers binnenwegen meanderen door het landschap en worden door onze vier motoren ingehaald.  Rond twee uur zijn we in een dorpje gestopt om te lunchen. We hebben geluncht in zo’n typisch plattelands restaurant waar de dorpelingen komen lunchen. Je kon slechts kiezen uit een paar gerechten. Ik had iets met erwten die waren groter dan we hier uit het potje halen, nog wat worteltjes aardappelen en een lekker stukje vlees. In feite is dit een maaltijd zoals je hem thuis zou maken. Na de lunch richting Ballyhack, daar steken we met een pontje de rivier over en volgen vanaf daar de kust in westelijke richting.  Het weer was een beetje somber, maar er was een mooie baai waar we even stoppen voor foto’s.

    Was het warmer geweest dan had je daar waarschijnlijk lekker kunnen zwemmen.  Even later hebben we nog gestopt voor de koffie in een pub. Rond vijf uur arriveren we in Youghal. Daar hadden we een appartement gehuurd. Het appartement is keurig met twee slaapkamers een badkamer, eetkamer en een keuken.  Brommers kunnen op de binnenplaats voor de deur staan, helemaal goed.  Nadat we de spulletjes afgeladen te hebben en de motorkleding over de stoel in keuken hebben gehangen lopen we eerst maar naar de bar voor een “kouwe kletser”. Het is niet echt gezellig meer een soort eetzaal, maar het bier smaakt er niet minder om. Vanuit de bar kijk je zo uit over  de Atlantische oceaan. ’s Zomer zal het hier wel behoorlijk druk zijn. Net nadat we ook wat te eten besteld hebben komt een man zijn orgeltje installeren. We zitten alweer aan het bier als de “show” begint. De beste man speelt allemaal nummers uit de jaren 40 en 50. Echt niets voor mij en ik besluit om naar mijn nestje te gaan, het was sowieso een vermoeiende dag met regen en veel wind.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 2 Bets Y Coed naar Dublin

    Ik heb echt goed geslapen en ben al vroeg wakker. Ondanks dat we gisteren 450 km hebben gereden. En omdat we vandaag slechts 70 Km hoeven te rijden blijf ik nog wat liggen. We hebben om half negen afgesproken voor het ontbijt dus staan we om acht uur op. Ik deel de kamer met Otto dus om de beurt op de badkamer. De badkamer is trouwens één van de dingen waaraan je echt kan zien dat het hotel toe is aan upgrade. Maar goed ondanks dat het er niet uitziet doet het verder wat het moeten. Om half negen lopen we naar de ontbijtzaal van ons hotel. Jeroen en Gerard zijn er nog niet dus wij zoeken een tafeltje uit. De ontbijtzaal in is in een langgerekte ruimte met hoge plafonds. Er staan relatief kleine houten tafeltjes met dito houten stoelen. Zo te zien stamt het meubilair nog uit de tijd dat het hotel is gebouwd. Door het hoge plafond galmt het beetje en naast ons zit een stel aan hun ontbijt. Gerard schuift even later ook aan. Ik heb zin in ontbijt, maar het wachten is op onze benjamin. De hostess komt vragen wat we willen ontbijten en we bestellen het full english breakfast ook maar voor Jeroen dat lust hij vast wel. Maar als het ontbijt wordt geserveerd is Jeroen er nog steeds niet, dus bellen we hem maar even. Wat blijkt hij ligt nog heerlijk te slapen. We hebben gedreigd dat we zijn ontbijt zouden opeten als hij niet snel naar beneden kwam, dat helpt want kom niet aan z’n eten. Rond tienen lopen we naar de motoren. Nadat de spullen weer in de koffers zijn opgeborgen maak het scherm schoon. Als iedereen beneden is ga ik uitchecken. De hostess is erg vriendelijk en geeft mij nog wat tips voor onderweg. Snowdonia is een natuurpark en wat we er al van gezien hebben is erg mooi en vandaag kunnen we nog een stukje zien. Rond kwart over tien rijden we van de parkeerplaats de weg op. Het is nog fris maar verder is het mooi weer. We hoeven slechts 70 kilometer af te leggen vandaag. Vanaf Bets Y coed is de route naar de ferry terminal in Holyhead, so no rush. We rijden door een landschap wat we eigenlijk kennen uit Noorwegen of hoog in de Franse alpen. Het is rotsachtig met muurtjes van gestapelde stenen. Er zijn mooie vergezichten in een heuvelachtig landschap. Bij een meer met spiegelglad wateroppervlak houden we halt voor foto’s. Door de korte af te leggen afstand is sfeer heel ontspannen.

    We lachen en maken ook een groepsselfie met de spiegelreflex op de standaard. Na een half uurtje rijden we weer verder naar Holyhead. Het landschap blijft een half uurtje het zelfde totdat we op een soort snelwegachtige weg terecht komen. Die leid ons direct naar de ferryterminal waar rond twaalf uur aankomen. De ferry was al geboekt door het landbridge ticket van Stenaline ferry’s, na een korte check kunnen we vooraan opstellen. Het is lekker weer in de haven en de jassen gaan uit. Regelmatig komen andere reizigers een praatje maken, erg gezellig. Gerard en Jeroen hebben ondertussen een bak koffie gehaald die lusten we wel.

    Omstreeks één uur kunnen we dan inschepen. Dat gaat eigenlijk heel snel onze plaatsen worden aangewezen en de brommer staat net op de standaard als een stuwadoor er een spanband omheen doet compleet met een stuk tapijt om het zadel niet beschadigen. Helemaal prima we zijn er helemaal versteld van. We nemen alleen de tanktas mee, het is een overtocht van een drie en een half uur. Op het passagiersdek zijn een paar leuke hoekjes waar je kunt zitten, dus voor we bij het eten aansluiten claimen we eerst zo’n hoekje door onze spullen daar neer te zetten. Het eten is erg uitgebreid en er geen broodje, Gerard en Jeroen gaan voor de beefburger. Ik zelf twijfel wat maar ga dan voor de lasagne en Otto kiest voor een garnalen salade. Ik had al niet zoveel honger maar tjonge wat zijn dit grote porties. Ik ben zo opgevoed dat je je bordje moet leeg eten maar daar is geen beginnen aan. Na het eten is wat hangen en naar buiten kijken. Ik loop nog een rondje door het winkeltje maar souvenirs kunnen we beter in Ierland zelf kopen. Otto gaat nog buiten een frisse neus halen. Maar dan is het toch een beetje hangen tot we er zijn. Rond vijf uur lopen we de haven van Dublin in. Al vlug worden we gepraaid dat we naar de motoren mogen. Zo gauw er plaats om te manoeuvreren mogen we van boord. We rijden het haventerrein op en verwachten nog een grenspost zoals in het Verenigd Koninkrijk. Maar na twee afslagen rijden we stad geen grenscontrole dusss… Het is erg druk, het is de avondspits natuurlijk. Maar dat is niet erg ik kijk graag om me heen. De gebouwen doen me erg denken aan kleine plaatsen die ik de VS heb bezocht. Hoewel er gelijkenissen zijn met gebouwen in het VK zijn er toch verschillen. Het hotel is midden in het centrum. Voor het hotel parkeren we de motoren op de stoep. Het hotel had ik al geboekt, ik loop naar binnen om ons in te checken. Van de receptionist horen we dat er een parkeerplaats achterom is en als we willen mogen we daar onze motoren parkeren. Natuurlijk willen we dat en nadat hij aanwijzingen heeft gegeven hoe we er moeten komen rijden we de brommers achterom. Met de spulletjes naar boven naar onze kamer. En why change a winning team, dus Otto en ik delen weer een kamer. Rond een uur of zes lopen we de stad in. De eerste kroeg die we zien nemen we eerst een koude kletser, die glibbert zo naar binnen. Daarna gaan we op souvenirs jagen. Niet zo moeilijk blijkt, er zijn warenhuisachtige souvenirs winkels waar je helemaal los kan gaan op de prullaria. Ik zoek een badge, een pin en een kleinere sticker. Ze hebben echter alleen mega grote stickers en die wil ik niet op mijn koffer. We hebben nog een week, dus laat maar. We lopen verder richting de tempelbar en de muziek komt ons al tegemoet. We bezoeken een paar kroegen met life muziek. Het is echt leuk, ik vindt het nu al jammer dat we hier maar één avond zijn. We gaan ook nog wat eten en nemen daarna nog een afzakker. Rond een uur of elf lopen we terug naar het hotel, morgen hebben we een flink stuk te rijden, dus op tijd op.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 1 Harwich naar Bets-y-Coed

    Door de schipsomroepinstallatie (3 maal woordwaarde) worden we ruw uit onze slaap gerukt. We kunnen al om 07:00 van boord, maar eerst gaan we lekker ontbijten, bij het boeken toch maar aangekruist. Blijkt een goede beslissing, want het is een uitgebreid ontbijtbuffet en we hoeven nu niet opzoek naar wat te eten. Amper weg van het ontbijt wordt al omgeroepen dat de chauffeurs naar hun voertuigen kunnen. Spulletjes hadden we al weer ingepakt dus we halen onze motorkleding en de binnentassen op en gaan op pad naar onze motoren. Rustig maken we de spanbanden los en bergen we de tassen terug in de koffer, plaatsen de navi en als de auto’s vertrokken zijn krijgen we een seintje dat we mogen oprijden. Net van de boot krijg ik een seintje dat de Navi van Gerard raar doet. Hij start maar moeilijk op nadat hij vanzelf uit is gegaan. Ik kijk even nadat hij toch is opgestart zie ik gegevens van alle door de jaren heen gereden routes. Ik maak mijn navi altijd leeg na een rit, dus kon de opslag wel eens behoorlijk vol staan. We gooien wat weg maar Gerard kijkt wat bedenkelijk dus hou ik me in. Ik stel hem gerust dat ik de routes en software op mijn laptopje heb staan en dat we de routes altijd opnieuw er op kunnen zetten. Maar dan rijden we toch weg, eenmaal op de openbare weg voelt het links rijden toch wel wat onwenning. Ik rijd bewust het eerste stuk rustig om te wennen aan de veranderde situatie, de andere Hornets kunnen niet anders dan volgen. Vandaag voert de route ons over 450 km Britse wegen. Dat lijkt veel maar we zijn vroeg vertrokken en ik heb ook stukken snelweg in de route verwerkt. Ervaringen uit vorige toerritten leert dat je binnendoor een gemiddelde snelheid van 60 km kunt halen, dat is bijna 8 uur rijden op deze 450 km, met een paar stukken snelweg breng afwisseling en snelheid in je route. En eerlijk is eerlijk voor ons is dit gewoon een verbindingsroute naar Ierland, dat is het hoofddoel. Na circa twee uur rijden komen we de geplande koffiestop net als het begint te miezeren. We hebben lekker binnendoor door dromerige plattelandsdorpjes gereden en schiterende vergezichten bewonderd. De koffiestop is bij de rotonde we bestellen grote koffie bij een lieftallige jongedame en gaan ontspannen zitten. Gerard is nog buiten wat aan zijn navi aan het prutsen onder toeziend oog van Otto die enpassant natuurlijk nog wat tabak verbrand. Evenlater komen ze toch ook van de koffie genieten. Na de koffie vertrekken we weer en draaien nu de snelweg op. En dan zit er een glitch in de planning. We arriveren te vroeg bij de geplande lunchstop althans voor de uitbater, ik heb eigenlijk altijd wel trek. Maar de uitbater is ook een motorrijder en komt naar buiten als hij ons ziet afstappen, dan hoeven we ons niet weer helemaal in het motorpak te hijsen legt uit. Vriendelijke man. Teleurgesteld draai ik natuurlijk aan de verkeerde kant weer de weg op. Ik zie allemaal verbaasde gezichten en Otto komt opzichtig naast me staan maar ik het nog steeds niet door. De Hoofdweg oprijden gaat dan wel weer goed. Onze communicatiemiddelen zijn nog niet met elkaar gepaird dus nog ouderwets met elkaar overleggen. We rijden nog circa een halfuur door tot dat ik een McDonalds zie, die zijn altijd open. Bij het oprijden zit ik te kijken waar we in het zicht kunnen parkeren met z’n allen dat ik natuurlijk bijna de uitrit inrij, als je erover nadenkt zijn het rare jongens die britten. Links rijden en voor alle meeteenheden hebben ze eigen versies die lastig om te rekenen zijn alleen de engelse taal wordt door velen als standaard gezien. Maar goed, het is natuurlijk nooit te vroeg voor een hamburger hahaha. Met het middenstuk weer gevuld vertrekken we rond de klok van één uur gaan we maar weer eens een stukje rijden. Het wordt weer een stukje snelweg tenminste niet de M wegen maar A wegen dat zijn snelwegen die worden afgewisseld met een tweebaans weg zoals je Duitsland en Frankrijk passeerstroken hebt als het bergop gaat. We schieten lekker op en rond drie uur geeft Jeroen aan dat het tijd is om te tanken. Ik zie een tankstation en draai van de hoofdweg af. Er staat een pompbediende buiten die ons mededeelt dat ze wat computer problemen hebben en één van ons mag als proefkonijn dienen om te tanken en dan te kijken of het afrekenen lukt.

    Maar het lukt en we tanken de rest van de motoren af. We maken er gelijk een pauze van, we halen in het tankstation koek en zoopi. Het is lekker weer en we staan in het zonnetje, jammer dat ze geen tafel en stoelen zijn. Misschien komt het omdat het vaak regent in de UK maar wat betreft kunnen ze nog wat leren van de Noren echt overal bij de tankstations en supermarkten zijn picknick tafels. Ideaal voor motorrijders. Vanaf het tankstation is het een goed uur rijden, en we rijden Snowdonia in dit is een mooi Natuurpark in Wales.

    We stoppen nog even voor foto’s onderweg en rond kwart over vier komen we aan in Bets-y-Coud, geen clou hoe je dat moet uitspreken. Ik stop bij het hotel maar de rest rijdt door ik rij er achteraan. Blijkt dat de route op de navi nog even doorloopt, en dat komt omdat ik eerst een ander hotel gepland had maar deze geen ruimte meer had toen in wilde boeken en ik wist toch wel zeker dat ik kamers in het hotel waar ik gestopt was had geboekt. Ik leg de verwarring uit en we rijden terug naar het hotel. Eén van de criteria voor het zoeken naar hotels is parkeergelegenheid. Die zie ik even niet maar nadat ik binnen onze reservatie had gechecked toch maar even gevraagd en we hadden kennelijk het steegje even gemist waar je achterom naar de parkeerplaats kon. Prima voor elkaar dus. Het hotel was van het soort wat we vaker hebben gezien, gebouwd vroeg in de vorige eeuw, ergens in de jaren 80 nog gerenoveerd maar mist nu de aansluiting bij het comfort van de grote ketens.

    Dit kun je vooral zien aan de badkamer. Maar goed het is er schoon, en het beddegoed is fris. De motorkleding gaat uit, de camera’s en de headsets gaan aan de lader en dan is het toch echt wel tijd voor een kouwe kletser. In de lounch van het hotel genieten we van biertje en smaakt goed. Tegen zeven uur krijg ik meer honger dan dat ik standaard al heb en ik stel voor dat we het dorp inlopen om wat te eten. We wandelen rustig door het dorp en gaan bij een restaurant op het terras zitten het is inmiddels wat afgekoeld maar het restaurant heeft een terrasverwarming dus dat komt wel goed. Het restaurant was kennelijk gewend om grote hoeveelheid gasten te verwerken krijgt. Je moet binnen bestellen en gelijk aftikken. Daarna krijg je drankjes en of eten. Helaas voor Otto was het niet mogelijk om een asbak te verkrijgen en de ober gaf aan dat hij de peuk maar op de grond moest gooien, maar zo is Otto niet opgevoed dus. Maar zelfs na het opvoeren van de druk kwam er geen asbak. Pas na dat we onze hamburger achter de kiezen hadden gaf het stel dat naast ons zat en Otto’s verwoede pogingen om een asbak te bemachtigen had gade geslagen hun asbak op. Maarja toen waren wij ook bijna zover om te vertrekken. In het hotel nemen we nog een afzakker en omdat we morgen maar een klein stukje hoeven te rijden nemen we er nog maar een.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 0 vertrek

    Vandaag is het zover, we gaan weer op avontuur. Maar eerst gaat mijn jongste zoon Guido beginnen aan zijn avontuur. Samen met Jeanette breng ik hem naar school. Samen de Cambridge talentklas gaat hij naar Brighton in Groot Britaine. De school heeft er voor gekozen om de dagboot vanuit Duinkerken te nemen. Guido en de Hornets zijn dus tegelijk in het Verenigd Koninkrijk. Nadat we hem uitgezwaaid hebben rijden we weer naar huis. Ik hoef pas om half drie te vertrekken dus ik heb nog ruim de tijd om een laatste check uit te voeren. Zo rommel ik nog wat, lunch nog samen met Jeanette en dan begint de spanning op te lopen. Rond kwart over twee huis ik me in het motorpak klik de tanktas en het navigatiesysteem op de motor. De poort gaat open en ik duw de motorfiets naar buiten. Nog een laatste kus en foto en dan eerst naar tankstation Hellevliet aan de A12 waar ik heb afgesproken met Otto en Gerard. Het is heerlijk weer de zon schijnt en met een grote grijns op mijn gezicht rij ik over de A27. Ik wilde wat vroeger op de parkeerplaats staan om de aankomst van Gerard en Otto op de foto te zetten. Ruim op tijd zet ik de motor achteruit op een parkeerplek zodat Otto en Gerard en nog bij kunnen staan en zo dat ik in het zicht sta. En precies om half vier komen Gerard en Otto aanrijden. Ik zet ze op de foto en als ze dichterbij komen zie ik ook bij hun een grote grijns. Otto roept HORNETSZZZZ en ik schiet in de lach. We schudden de hand, we zien elkaar niet zo vaak omdat we relatief ver van elkaar wonen. Na een paar foto’s en de broodnodige op peil houden van de nicotine stappen we op, om naar Hoek van Holland te rijden. Daar hebben we met jeroen afgesproken bij de bar restaurant “De Torpedoloods”. Bij Hoek van Holland zijn ze aan de weg aan het werken dus de navi is zinloos en volgen we gewoon de borden. De Torpedoloods is zo gevonden maar als we de motoren in het zicht op de stoep zetten komt een niet zo vriendelijke serveerster die ons sommeerd de motoren achterom op de parkeerplaats te zetten. Jammer maar ja het is niet anders. We bestellen een frisje en wachten op Jeroen. Er komt nog een keer een groepje motorrijders voorbij met klasieke britse motoren en evenlater komen ze terug en zetten de motoren naast die van ons. We wachten nog steeds op Jeroen en na het derde frisje (buurrrps) maken we ons een klein beetje zorgen. Ik bel Jeroen maar even maar ik krijg geen gehoor. Even later komt hij gelukkig dan toch aanrijden.

    We hebben tijd genoeg de boot gaat pas om elf uur. We nemen nog een frisje dan maar, Jeroen had behoorlijk file gehad en was er aan toe. Door de “vriendelijke” benadering door de serveerster hadden we besloten dat we in ieder geval ergens anders gingen eten. En mijn oog was al gevallen op een vis kot echt net voor de ferrie terminal. Daar hebben we lekker kibbelingen met patat gegeten, daar kun je me voor wakker maken. De kibbelingen zijn echt heel lekker, een aanrader. Na de kibbelingen stappen we op en rijden de terminal op. Daar worden we ingecheckt en moeten we door de douane, tot zover het Shengen accoord. Voor we de ferrie op kunnen rijden moet we nog even wachten tot  de vrachtwagens beladen zijn. Eenmaal op de ferrie wachten we nog even tot een meneer met zijn aanhanger is uit gemanouvreerd, hij zat waarschijnlijk nog niet lang op aanhangerrijden (grijns). Daarna was het toch echt onze beurt. De motoren moesten tussen twee op het dek gespannen staalkabels staan. De steward  riep: “daar achter hangen nog wel ergens spanbanden”. Beetje raar allemaal, dat zijn we anders gewend. De spanbanden zijn snel gevonden en ik zet de dame snel vast. In mijn topkoffer zit altijd een kniematje en dat kan prima onder de spanband op het zadel. Slimme belading van mijn binnentassen levert op dat ik alleen de tanktas en een binnentas hoef mee te nemen. Helaas ben ik het hangslot voor de helm vergeten en moet ik deze ook nog mee nemen. We wachten vrij lang op de lift maar van de dek vijf naar dek elf over de trap met de spullen lijkt ons niks. Bovendien hebben we zeker geen haast. De hut is keurig voor elkaar. We bergen onze spulletjes op en doen het motorpak uit. En dan is het tijd voor een “kouwe kletser”. We gaan op zoek naar de bar en enpassant lopen we nog even door het winkeltje. Daar is echter niets van onze gading. Jeroen en Gerard komen er ook aan lopen, ik deel de hut met Otto. We zoeken een vrij tafeltje en Otto haalt de “kouwe kletsers” voor ons. De ferrie is nog afgemeert aan de kade. Het wordt langzaam donker als we een siddering door het schip voelen, sein dat de motoren worden gestart. Niet veel later zien we dat de kade langzaam voorbij schuift, we zijn onderweg. Na een paar biertjes en een enkele sigaret is tijd om weer naar de hut te gaan. Morgen komen we vroeg in Engeland aan en dan hebben 450 kilometer voor de boeg, wel deels over snelwegen

    Geschreven door:

    op:

  • Dag D-1

    Morgen is het dan zover. De motor staat gepoetst klaar, de spulletjes zijn gepakt, de camera’s zijn opgeladen en de routes staan op de navi. Het meeste had ik afgelopen week al een beetje bij elkaar gezocht. Ik twijfelde alleen of ik nog een tas op het achterzadel zou meenemen. Toch maar niet met als gevolg dat ik wat moest reorganiseren en toch wat thuis laten. Ik neem dus geen motorspijkerbroek mee naar Ierland, ik krijg hem wel mee maar ik bedacht dat als ik die broek aan doe dat ik die andere motorbroek dus kwijt moet en daar heb ik dan geen plek voor. Morgenvroeg eerst Guido naar school brengen, hij gaat op studietrip naar Brighton. Grappig zijn we tegelijk in de UK. Ik heb met Otto en Gerard afgesproken op tankstation Hellevliet aan de A1 vanaf daar rijden we gezamenlijk naar Hoek van Holland. Jeroen rijdt van af huis naar daar. Voor we aan boord gaan kunnen we nog een hapje eten.

    Geschreven door:

    op:

  • Limonade siroop

    De serieuze motorreiziger kampt altijd met een ruimte gebrek. Een uitkomst zijn aller mini’s en probeer verpakkingen. Hier presenteer we een nieuw product van Karvan Cevitam, Karvan Cevitam GO. Dit is een klein flesje geconcentreerde limonade siroop in je favoriete smaak. Zo hoef je onderweg alleen een flesje water te kopen om toch een frisje te kunnen drinken.

    Geschreven door:

    op:

  • Ik ben onrustig

    Ik ben onrustig. Zaterdag tijdens het inkopen heb ik al allerlei dingetjes voor de motortoertocht meegenomen. Kleine busje scheerschuim en wat te knabbelen. Inmiddels heb ik ook de paklijst uitgeprint en de binnentassen en tanktas te voorschijn gehaald. Al een beetje de spulletjes die ik nodig denk te hebben bij elkaar zoeken. Ik dacht opeens dat je in Engeland en Ierland een verloopstekker nodig is, dus die ligt ook in de tas. De motor ziet er na de RT Forum rit vreselijk uit, maar ik kon maar niet stoppen met het lezen van het boek “Man in het zadel” van Paul van Hooff. Dat zal ik dus deze week nog moeten doen. De routes zal ik morgen bij de downloads neer zetten, in eerste instantie alleen voor ons maar na vertrek voor iedereen te downloaden. Jeroen heeft ook een Cardo Scala Rider 9X gekocht dus we kunnen nu met z’n vieren in de coms, dit is niet alleen praktisch maar ook gezellig. Ik kan niet wachten!

    Geschreven door:

    op:

  • Man in het zadel – Paul van Hoof

    Op het de forum rit van het BMW RT Forum heb ik Paul van Hooff ontmoet. Zelfs in een kort gesprek wist hij mij nieuwsgierigheid in mij op te wekken. Paul heeft het boek “Man in het zadel” geschreven. Het boek verteld over de avonturen die Paul samen met zijn Guus heeft beleeft op zijn motorreis van het meest noordelijke puntje van Alaska naar het meest zuidelijke punt van Argentinië. Het boek heb ik in één ruk uitgelezen. Man in het zadel is een must voor iedereen die graag een motorreis wil maken.Terwijl ik buiten Guus aan het bekijken was kwam hij nog even een praatje maken.

    Geschreven door:

    op:

Deze website maakt gebruik van cookies enkel om de website goed te laten functioneren

Privacy policy