Motortoertochten

  • Oostenrijk Dag 2 Bad Laaspe – Rothenburg op der Tauber

    Mijn interne wekker doet het nog steeds, ik word vanzelf wakker. Met de toilettas ga ik naar de badkamer voor het ochtendritueel. Waarschijnlijk is door mijn gerommel Otto ook wakker geworden. Hij zit op de rand van het bed en wrijft nog slaperig over zijn kale hoofd. Ik doe dezelfde kleding als gisteren aan en kijk dan door de balkondeuren naar buiten. Er lijkt weer een mooie dag te zijn aangebroken. Om op tijd voor het ontbijt te zijn loop ik iets vroeger met een binnentas naar de motorfiets, dat scheelt straks weer. Nadat ik de binnentas het opgeborgen in de linker zijkoffer ga ik naar het restaurant voor het ontbijt. Koffie maar ook een lekker glaasje jus de orange (sinaasappelsap dus) gaat er wel in. Verder hou ik het licht met yogurt. Na het ontbijt haal ik de motorkleding en tanktas naar beneden. Met glasdoekjes van de Lidl maak ik het scherm van mijn motor schoon. En omdat ik toch bezig ben en de rest er nog niet is doe ik de andere schermen maar ook. Gisteren heb ik niet gefilmd maar vandaag wil ik toch wel war filmen en dus bevestig ik één camera naast navigatie op de steun en één op de helm. Inmiddels is de rest gearriveerd en zijn we gereed om te vertrekken.

    Otto heeft zijn peuk bijna op en dus laad ik de juiste route in de navi en bedien de starter. Rustig laat ik de motor achteruitrollen tot dat ik vooruit kan wegrijden. Ik selecteer de eerste versnelling en rij rustig richting de weg. Daar is het redelijk druk en wachten we even tot het verkeerslicht voor het voorbijrijdend verkeer op rood springt, daarna rijden we met ze allen achter elkaar de weg op. De route voert eerst nog een stuk door de Buchenwald waarna er een vlak landelijk stuk volgt. Om op te schieten, maar ook om voor wat afwisseling te zorgen, zit er ook een klein stuk snelweg in de route. Bij een raststätte stoppen we voor koffie. Er wordt vrolijk gekletst en ook onze motoren trekken op de parkeerplaats het nodige publiek. Omdat ze in ht zicht staan heb ik de actioncam laten zitten, maar de navi haal ik er toch altijd even af. We nemen wat te drinken want het is al behoorlijk warm. We zitten buiten op het terras in de schaduw van een parasol, daar is het lekker vertoeven. Na een halfuur gaan we weer onroute. Het landschap wordt langzaam heuvelachtiger maar wordt ook gedomineerd door de grote stad. Rond het middag uur raken we van de ene in de andere omleiding verzeild. Precies waar ik gepland had te gaan lunchen. Maar na een paar detours en domweg negeren van de omleiding blijkt de geplande pizzeria gesloten, kak. Ik stop niet eens en rij gewoon door en net buiten het dorp zie ik in de berm een bord met de  tekst “Mittagsküche” en een pijl. Het ging allemaal zo vlug dat ik er al voorbij was, maar we draaien toch terug om te gaan kijken. Het blijkt een restaurant op een boerenerf te zijn. Dat had je met plannen dus nooit gevonden. Het was er zelfs behoorlijk druk, wat wij altijd als een goed teken beschouwen. We vinden toch een tafel onder een parasol, gelukkig maar want het is inmiddels behoorlijk warm. De Duitse keuken is voortreffelijk maar om ook ruimte voor het avondeten te houden bestel ik een salade en fles bronwater. Door de warmte verlies je toch aardig wat vocht. Het eten smaakt goed en omdat het druk is, is er ook veel te zien. We hebben veel te kletsen want we hebben onze communicatiesystemen nog niet goed op elkaar afgestemd. Nadat alles op is en iedereen nog een keer naar het toilet is geweest lopen we weer naar de plaats waar de motoren hebben achter gelaten. Camera, tanktas en navi er weer op en we kunnen. Voor dat ik de motor start begint een ezel luidkeels te balken waardoor we in de lach schieten. We vervolgen de route weer en komen na een poosje bij de rivier de Tauber. Deze blijven we volgen, na anderhalf uur stoppen we bij een restaurant om weer vocht en voor sommigen nicotine aan te vullen. Het terras is hoger gelegen en geeft een goed uitzicht over het passerend verkeer, waaronder best veel motoren. Hier is ook de start van de “Romantische Strasse”, welke tot de acht mooiste wegen voor motorrijders is bestempeld. Het is inmiddels best al laat, de vele dorpjes met verkeerslichten en rondkijkende toeristen remt toch behoorlijk af. Dus na een bezoek aan het sanitair gaan we weer op pad. Na de tweehonderddertig kilometer grens te zijn gepasseerd, is het tijd om te om de tanks weer van de nodige hoog octaan houdende brandstof te voorzien. Vanwege de warmte trakteer ik mijzelf ook op ijsje, dit keer een magnum met amandel. Het is dertig graden dus blijven we vooral in de schaduw. Nadat we bij het tankstation zijn weggereden is het toch nog twee uur rijden parallel aan de Tauber voor we in Rothenburg aan komen. Rothenburg is een oude vestingstad waarvan grote delen goed zijn behouden gebleven. Door het éénrichting verkeer moeten we even zoeken naar het hotel, maar we hebben het toch redelijk snel gevonden. Alleen de parkeerplaats, die zien we nog even niet, Jeroen gaat even vragen en het blijkt achter een poort te zijn. We parkeren de brommers keurig naaste elkaar op de bok en lopen met onze bagage naar het hotel. Dit keer delen Gerard Otto en ik een kamer en delen Jeroen en Bas een andere kamer. Het zijn wederom keurige hotelkamers. Na een verfrissende douche lopen de stad in voor biertje. In het begin zijn we wat besluiteloos maar op een sooftplein bij het stadhuis gaan we dan toch op het terras zitten en bestellen we de welverdiende “kouwe kletser”.

    Ondertussen kunnen we kijken naar de mensen die het stadhuis bekijken of rustig rond wandelen. We besluiten ook te eten bij het restaurant maar we gaan wel binnen zitten want het terras loopt behoorlijk af en de stoeltjes zitten niet zo heel gemakkelijk. Het eten is voortreffelijk en zo ook het “Weizenbier”. Na het eten wandelen we langzaam terug naar het hotel, af en toe stoppen we om in een etalage te kijken. Aangekomen bij het hotel wandelen we nog even door om de stadsmuur en een stadspoort te bekijken. Toch wel mooi dat zoiets behouden wordt. Op de kamer moet ik nog de filmpjes van de camera’s halen en opslaan op de laptop. Dat duurt een klein uurtje, hierdoor dommel ik af en toe weg. Wanneer alles op de laptop staat hang ik alles aan de laders, poets mijn tanden en kruip lekker in bed.

    Geschreven door:

    op:

  • Oostenrijk Dag 1 Ede – Bad Laasphe

    De dag begint met vrolijke muziek uit mijn wekkerradio. Het is zeven uur en ik heb nog zeeën van tijd. Ik hoef pas om 9 uur bij Otto te zijn. Het is nog redelijk koel als ik onder de douche stap om de motortoertocht fris en fruitig te beginnen. Na de douche trek ik een afritsbroek aan en een teeshirt, mijn favourite kleding voor een motortoertocht. Mijn egaa is ook wakker en staat op om gezamelijk te ontbijten. De motorfiets heb ik gisteravond al beladen, het enige dat nog moet gebeuren is de tanktas erop klikken. Bij de BMW R1200RT zit op de tank een houder waar je de tanktas, uiteraad ook van BMW, kan inklikken. Superhandig is dat, jammer dat men in 2016 bij de introductie van de (gedeeltelijk) water gekoelde boxer(wasserboxer) hier weer van afgestapt is. Vooral bij het tanken is dit zo handig, je hoeft dan geen riempjes of iets dergelijks los te maken. Door het proces van eliminatie zit er weinig in de tanktas. De spiegelreflex camera en twee actioncams, de rest neem ik niet mee. Als laatste plaats ik de navi in de houder en is de motor gereed voor vertrek. Op mijn gemak eet ik mijn bakje yogurt, mijn gebruikelijke ontbijt. Vlak voor acht uur gaat het motorpak aan aan opent mijn lieftallige de achterpoort en rol ik rustig de motorfiets naar buiten. Uitgebreid neem ik afscheid van haar, daarna zet ik mijn helm op en doe ik mijn handschoenen aan. Ik stap op en krijg nog een kus. De sluitel gaat op contact en waneer ik de starter bedien komt tussen mijn benen het boxer blok met een donkere grom tot leven. Een knipoog naar mijn meisje en met luide klak die zo typisch is voor BMW zet ik de versnellingsbak in zijn eerste gang. Rustig laat ik de koppeling opkomen en manouvreer rustig om de schuur van de buurman. Nog een smalle doorgang door en kan ik de straat op sturen. Rustig rij ik de straat uit op weg naar Otto. Ik tuf de polder uit over de A27 en bij Baarna draai ik de A1 om bij Voorthuizen weer de A30 op te draaien. Ondanks dat ik een checklist heb gebruikt loop ik in mijn hoofd toch nog een lijstje af, maar ik denk dat alles klopt. Bij Ede neem ik de afslag naar het industrieterrein en gooi bij de Tinq nog even de tank vol. Even voor negen uur stop ik bij Otto voor de deur. Ik zijn vrolijk gezicht achter het keukenraam verschijnen. Voorzichtig zet ik de motor op de standaard zodat hij niet omkiept door de goot in de straat. De begroeting met Otto is zoals altijd hartelijk. Ik ben net binnen en ik zie Bas ook voor rijden. Otto vraagt of we nog een bak koffie willen, maar dat is net zo iets als vragen of een koe tepels heeft. Na het bakkie en de opgetogen begroeting gaan we op pad naar Gerard. Slechts een half uur later zijn we bij Gerard die al ongeduldig buiten staat te wachten. De koffie slaan we vriendelijk af maar we nemen wel even de tijd om met Gerards moeder een praatje te maken. Zij zal op de kat van Gerard babysitten. Dan gaan we vlug op pad want Jeroen wacht op ons bij het Gulf tankstation aan de A67 bij Venlo. Op het afgesproken tijdstip komen we aan op het tankstation en zijn een beetje verrast da Jeroen er al staat te tanken. Normaal is Jeroen zeg maar “Fashionably Late”, maar nu staat hij keurig te tanken. Wij hebben slechts 100Km afgelegd en moeten de eindbestemming gemakkelijk kunnen halen.

    We begroeten Jeroen en schudden handen als hij op de parkeerplaats zijn motor naast die van ons schuift. We besluiten nog een bak koffie op het tankstation te halen want we rijden nu door tot de lunch. De stemming zit er goed in en er wordt ontspannen gelachen, koffie gedronken en gerookt. We maken nog even afspraken over de volgorde waarin we rijden. Normaal hebben we min of meer een vaste volgorde, maar dit jaar rijdt Bas voor het eerst mee en moesten we dus weer vaststellen. Bas achter mij, dan Jeroen gevolgt door Gerard en Otto sluit het geheel op. we vertrekken richting het Duitse Dortmund. Het eerste uur rijden we op de Autobahn, maar vlak voor Dortmund draaien we in westelijke richting er van af. We volgen een riviertje dat zich meanderend een weg door het landschap baant. Rond half één stop ik bij een restaurant voor de lunch. Het is nog vroeg in het seizoen en de serveerster schrikt even als ik vragen of wat kunnen eten. Ik zie haar reactie en voeg aan mijn vraag de suggestie “strammer max oder so” toe. Dat is geen probleem en we kunnen plaats nemen op het terras. Motorrijden maakt hongerig en het spiegelei is binnen no-time veroberd. Het is mooi weer en we genieten met volle teugen. Tot nu toe zijn we door redelijk dicht bebouwd voornamelijk industrieel gebied gereiden maar na de lunch wordt het landelijker. De wegen krijgen meer kronkels en rijdt echt lekker en we vergapen ons aan de omgeving. Bad Laasphe ligt aan de rand van het natuurpark en is de eindbestemming voor vandaag. Het hotel is zo gevonden en is er prima plek om de motoren te parkeren. We checken in en ik deel een kamer met Otto. Zo te zien is het hotel recent gerenoveerd. Alles ziet er als nieuw uit. We verkleden ons in korte broekl en lopen naar beneden voor een kauwe kletser, nou die gaat er wel in. Na dat we allemaal op het terras zijn inventariseren we de wensen voor het eten. We kunnen in het hotel eten of de stad in lopen. We bsluiten het laatste omdat we gezien hebben dat er een dorpsfeest gaande is. Dit blijkt echter bijna afgelopen en we besluiten dan een döner te doen, blijkt helemaal geen verkeerde keuze te zijn. Op het terras bij het hotel nemen we nog een biertje en tegen elf uur gaan we richting de kamer, motorrijden maakt naast hongerig ook slaperig.

    Geschreven door:

    op:

  • Het is bijna zover

    Zoals de titel het al zegt we gaan bijna weer op pad. Ik ben langzaam al de spulletjes aan het verzamelen die ik wil meenemen. Ik wil dit keer echt light gaan. Dus wordt het een spel van eliminatie wat hebben we echt nodig en wat kan thuis blijven. Eén van de zaken waar ik aan zit te denken is de hoeveelheid elektronica aan banden te leggen. Ik heb normaliter een grote hoeveelheid camera’s mee waaronder een spiegelreflex met een extra telelens, maar ook een pocket camera en meerdere actiecamera’s. In ieder geval blijft of de spiegelreflex of de pocket camera thuis. Tegenwoordig kun je met je telefoon in dezelfde kwaliteit fotograferen dan met een pocketcamera. De spiegelreflex zou ik toch wel graag willen meenemen maar het is zo’n groot ding. Toch maar even verder twijfelen. De actie camera’s hangen aan de lader. Inmiddels het navigatiesysteem van de nieuwste kaart versie (2017.10) voorzien. Dan laptop of tablet meenemen. Laptop kun je bestanden op opslaan en veiligheidskopie op een externe harde schijf maken. Voor de tablet zal ik dan een aantal USB sticks moeten meenemen, dat is wel een stuk lichter. Ook hier nog even mee experimenteren. Tja zo zie je maar, ik ben er toch al een tijdje mee bezig maar dan toch kun je over een aantal dingen twijfelen tot vlak voor vertrek.

    Geschreven door:

    op:

  • Oostenrijk 2016

    Geschreven door:

    op:

  • Autobahn vignet

    Omdat we af en toe toch een stukje over de snelweg gaan, autobahn vignets besteld. Vandaag zijn ze binnen gekomen.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 7 Killrush naar Nenagh

    Lekker geslapen en zin een douche wordt ik ontspannen wakker. Otto is ook op en om de beurt maken we gebruik van de badkamer. De spullen zijn droog geworden. Voor vandaag wordt er veel wind verwacht. We hebben er gisteravond over gesproken of het verstandig was om vandaag de route aan de kust te rijden. Maar omdat voorspellingen het ook vaker mis hebben besluiten we toch de route via de kust te nemen. Als het weer te heftig wordt kunnen we altijd naar het binnenland afbuigen. Maar we willen toch naar de clifs van Moher. Maar eerst maar een ontbijtje, daarvoor moeten we buitenom naar beneden naar de bar. Het ontbijt is prima en we betalen onze kamer. Nog even in het motorpak hijsen en dan kunnen we. Killrush is niet zo groot en al vlug rijden we stadje uit. Het is eigenlijk best wel lekker weer, maar wel fris en af toe druppelt het. In een klein dorpje stoppen we bij een pomp om te tanken. Het is pomp bij een winkeltje, één enkele pomp. Maar we tanken om de beurt de motoren vol en vervolgen onze weg naar de clifs. Rond het middaguur komen we daar aan en tot mijn spijt moeten we ook de motoren op de centrale parkeerplaats zetten uiteraard tegen betaling. Maar goed we komen van ver en willen toch zien wat er zo bijzonder is. Best wel een tippel in je motorpak, maar gezien de temperatuur ook weer niet erg. Het is zo koud zonder helm dat we bij de eerste beste winkeltje wat we tegen komen we allemaal een muts kopen. Ziet er natuurlijk niet uit maar is wel lekker warm.

    In het bezoekerscentrum nemen we eerst een grote kom koffie. Na de koffie lopen we dan naar de klippen. Mooi om te zien zeker met de ruige zee. Maar of dat het nu zo speciaal is mwah, maar ja misschien ben ik wel een cultuur barbaar.  Na de nodige foto’s is tijd om door te rijden. Door te rijden naar het volgende natuurschoon de Burren. De Burren is een gebied met natuurlijk basalt. De geldende windrichting blaast zaden uit andere gebieden naar de Burren die daar tussen de spleten in de basalt ontkiemen. Dus groeien daar dus ook bijzondere planten. Bij de Burren aangekomen stopen we op een natuurlijke parkeerplaats en nemen we de tijd voor wat foto’s. Voor het vertrek plaats ik nog de action camera. We rijden door voor de lunch die wel wat laat is. Ik had een visrestaurant gekozen bij de planning maar die was helaas dicht. Even verder is een restaurant die wel open is. Binnen gekomen blijkt dat we lunchen in een orangerie. Lekker broodjes met een goede kop koffie krijgen we geserveerd. Ondertussen trekt er fikse bui over, die lopen we mooi mis. Na de lunch trek ik toch maar weer de regenoveral aan omdat er toch waarschijnlijk buien zullen vallen maar ook omdat het warmer is. De foto die Otto van me neemt terwijl ik de regenoveral aan doe laten mijn lief thuis de tranen over de wangen biggelen van het lachen. Otto had de foto niet op een ongunstiger moment voor me kunnen nemen.

    Onderweg gaat het een flink stuk binnendoor erg mooi, eerst nog een stuk Burren later echt door het midden van Ierland met landerijen en boerderijtjes. Het tweede stuk trekt zich wel moet ik zeggen, te meer omdat ik geen restaurant voor een bak koffie kan vinden. Achteraf blijk ik wel aan een restaurant voorbij gereden te zijn, maar ja soms is het wat druk vooraan omdat je aan het navigeren bent terwijl je op het verkeer let en ook iedereen bij elkaar wil houden. Rond vijf uur komen we in Nenagh aan, daar had ik een appartement in een voormalige Abdij gereserveerd. We halen bij de receptie de sleutels op en rijden naar het appartement. Helemaal prima! Dorstig maar ook hongerig dumpen we onze bagage en motorpak en gaan we vlug weer terug naar het hoofdgebouw waar ook een restaurant in zit. Het regent wel weer dus flink doorstappen maar. Ik neem eerst een koffie en daarna pas een biertje. Onderwijl bestuderen we de menukaart, keuze genoeg! Morgen hebben we een rustig dagje, slechts 190 km en de ferry vertrekt pas om 23:00 uur, dus nog maar een biertje.

    Geschreven door:

    op:

  • Routes klaar

    We zijn inmiddels klaar met de routes in je kunt ze vinden in de routes tab aan de linkerzijde. Zoals altijd zullen we de bestanden voor de navigatiesystemen beschikbaar stellen als we onderweg zijn. Ook het roadbook schiet al aardig op het framework staat en nu is het kwestie van de details invullen. We rijden van Ede richting Sauerland. In drie dagen rijden we via de Romantische strasse naar Oostenrijk. De eerste dag in Oostenrijk rijden we gelijk het land weer uit om eerst twee dagen in de Dolomieten te rijden met als hoogtepunt de Paso di Stelvio. Daarna duiken we dan echt Oostenrijk in met hoogtepunten als de Nockalmstrasse en de Grossglockner strasse. In de downloads staat een artikel uit de motoplus daar kun je deze passen bekijken. De laatste overnachting is in Bratislava dus ook Slovenië nemen we nog even mee. Van Bratislava rijden we naar Wenen na een halve dag in Wenen gaan we met de trein terug naar Düsseldorf. De trein is geboekt en omdat we stukjes toch over de snelweg rijden was het ook noodzakelijk om een autobahnvignet te bestellen, die zijn inmiddels ook onderweg. Dus qua planning zijn we zo goed als klaar. Rest nog voor mij in ieder geval een afspraak bij Kenny maken voor onderhoud, ik weet dat ik een nieuwe voorband nodig heb.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 6 Dingle,Kenmare naar Killrush

    Vandaag geen we weer een mooie route rijden speelt door mijn hoofd na ik wakker werd. We beginnen na het ochtend toilet gelijk met het samen rapen van de spullen om die naar de motor te brengen. De binnentassen zijn toch een waardevolle aankoop. Ik kan alles gemakkelijk dragen. Na dat de binnentassen weer in de koffers zijn opgeborgen, lopen we naar de ontbijtzaal. Daar is vandaag wel bedrijvigheid. Het ontbijt is weer prima en we laten het ons smaken. Na afloop gaat Gerard deze keer afrekenen. Wij lopen nog even langs de kamer om de motorkleding aan te doen en nemen de tanktas en helm mee. Als Gerard terug komt verteld hij dat hij waarschijnlijk deze rit niets meer hoeft af te rekenen. Niet raar we zijn twee dagen in dit hotel geweest én hebben beide dagen hier gegeten en ’s avonds een biertje gedronken. Dit was weer één van de betere plekken waar je als motorrijder kan verblijven. Als afscheid plakken we nog een sticker in de hal en vertrekken dan in Noordelijke richting. Vandaag staat het schiereiland Dingle op het programma. We rijden naar Mol’s gap en in plaats van linksaf slaan we vandaag rechtsaf richting Killarny. We rijden op een schitterende weg die kronkelt door een woest landschap met stukken rots. Na een kwartier stoppen wij “Ladies View”.

    Naar verluidt komt de naam van de hofdames van Koningin Victoria, die zeer onder de indruk waren van het uitzicht toen het gezelschap in 1861 deze plaats bezocht. En het uitzicht is ook erg mooi en het wordt nog mooier om dat we voor het vertrek de plek nog even markeren met een Highway Hornets sticker. De weg meandert verder naar Killarny. Op de route waar we rijden is weinig te zien van Killarny en omdat we net al zijn gestopt bij Ladies View rijden we nu door. Bij Castlemain volgen we linksaf de weg naar Dingle. Ik had in de planning nog een koffiestop in Castlemain opgenomen maar helaas was de pub gesloten dus maar door. Omdat we nog geen foto hebben van een bord van de “Wild Atlantic Way” stoppen we even buiten Castlemain voor een foto momentje.

    Het is ook net even zonnig dus dat komt goed uit, beter was als er koffie bij was geweest. Na de foto’s stappen we weer op. We volgend de N72 in westelijke richting. Na een half uurtje komen we bij een klein tankstation annex bakker annex kruidenier. We tanken de motoren af en nemen van binnen nog een bak koffie en koek mee naar buiten. Daar staat keurig de bekende picknick tafel en drinken we ontspannen een bakje koffie. Na de koffie gaat het weer verder, maar al na een kleine stukje aan de ruige kust moeten we toch echt weer stoppen voor een foto momentje. Dit keer bij één van de vele uitkijk punten. We maken rustig een paar foto’s en praten even met de andere toeristen. Langzaam krijg ik toch weer honger en dat is het sein om verder te rijden.

    We rijden het plaatsje Dingle in en bij de haven parkeren we de motoren voor de lunch. Hoewel het zonnetje schijnt is toch wel wat fris om buiten te zitten maar met de fleece aan gaat dat net. Op het terras genieten we van de lunch. Ik neem voor de afwisseling een tostie met een lekker bakje koffie, Jeroen gaat nog op zoek naar een badge maar komt met lege handen terug. We zijn wat achter op schema en na een korte lunch gaan we weer verder. De route voert naar het meest westelijke puntje van het schiereiland en dan weer door Dingle en dan via de noordzijde van het schiereiland richting Killrush. Net buiten Dingle gaat het lekker omhoog en op het hoogste punt stoppen we op de parkeerplaats voor een foto. De zon is dan verdwenen en het is erg koud. Toch staat er gek genoeg een ijscokar. Maar ik doe mijn helm niet af zo koud is het daar. We blijven dus niet al te lang hangen en rijden weer verder. In Tralee draait de weg weer in noordelijke richting. Het wordt kouder en na een poosje stoppen we om de regenkleding aan te doen. We rijden door tot we bij de ferry in het plaatjes Tarbert. Het is inmiddels redelijk grijs geworden en het druppelt behoorlijk. We moeten best wel een poosje op de ferry wachten en helaas is er geen restauratie of iets dergelijks bij de veerstoep. Na een kwartier kunnen we aan boord en draaien we de Shannon river op. De wind komt horizontaal voorbij en ook op de ferry is geen restauratie en staan we gewoon buiten. Het is zou koud dat de helm op blijft. Gelukkig hebben we bluetooth en kunnen we normaal met elkaar praten. Ik maak nog een filmpje met de selfiestick van ons met de helm op en het opspattende water van de Shannon River. Aan de overkant begint het al een beetje te schemeren, niet echt fijn met de regen die dan in overvloed naar beneden komt. In Killrush heb ik het hotel al vlug gevonden. Naast het hotel is een brede stoep waar de motoren kunnen staan en nog voldoende ruimte voor voetgangers overblijft. Door de gastvrouw worden we naar onze kamers begeleid. Het ziet er allemaal netjes uit. Na ontdaan te zijn van de motorkleding en de noodzakelijke spullen uit de koffers te hebben gehaald lopen we Killrush in om wat te drinken. We hebben een aardige pub gevonden waar een we een uurtje verpozen. Helaas hebben ze daar niets te eten, dus moeten we uitwijken naar een restaurant. In één van de zijstraten van het plein vinden we op aanwijzing een gezellig familie restaurant waar we lekker kunnen eten. En uiteraard sluiten we dit af met een Irisch Koffie. In de bar van de Inn nemen we nog een afzakker maar we houden snel voor gezien, het is er niet erg gezellig. Op de kamer nog even de camera’s leeghalen en op de laptop zetten en dan een lekker tukje doen.

    Geschreven door:

    op:

  • Een beginnetje

    Na een gesprek met Jeroen de routes die gedownload had bij de ANWB weer verwijderd. Deze routes waren rondom één plaats gemaakt. Samen met Jeroen toch tot de conclusie gekomen dat een rondreis meer ons ding is. Zojuist heb ik een bestand met alle Alpen passen op de kop getikt. Daar de passen in en rondom Oostenrijk uit geëxtraheerd en onderstaand plaatje is daarvan het resultaat. Als je goed kijkt herken je daarin al een rondreis puur door de concentratie van punten. Nu nog routes maken, Jeroen wil graag mee plannen dus dinsdag maar contact opnemen met Jeroen om afspraken te maken. Ik heb er zin in.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 5 Rondje Kerry en Beara

    k wordt voor de wekker en uitgerust wakker. Ik ga uit bed om lekker te douchen. Na een poosje is iedereen op en we gaan kijken voor ontbijt. Maar beneden is nog niemand dus nog maar even wachten. Om een uur of half negen loop ik weer naar beneden en dan is er wel personeel. We hoeven vandaag niet onze spullen op de motor te doen want we blijven hier nog een nachtje en het voelt of we zeeën van tijd hebben. Na het ontbijt gaat de motorkleding aan maar eronder toch de fleece. Want hoewel het er mooi uitziet is het toch wel koud. Het mooie weer is een verademing van de afgelopen twee dagen. Hoewel je weet wat het weer kan doen in Ierland is het niet zo dat het prettig rijdt wanneer het regent. Ook het maken van video’s en foto’s schiet er dan een beetje bij in. Maar vandaag ziet het er goed uit en uit de voorbereidingen had ik het idee dat dit wel eens het mooiste stuk van Ierland gaat zijn. Rond kwart over negen rijden we weg in noordelijke richting, we gaan de ring van Kerry tegen de klok in rijden. Voor we Kenmare uitrijden tanken we eerst even dan kunnen we er voor vandaag weer tegen. De route begint gelijk al mooi en slingert zich naar Mol’s gap waar we een paar foto’s maken. We stoppen maar kort want alles is verder dicht. We verlaten de doorgaande weg om een tussendoor slingerweg te rijden. De weg is erg smal en het asfalt kan wel een opknapbeurt gebruiken. Misschien moet de regering van Ierland net als Spanje kijken wat Europa voor hun kan betekenen. De wegen in Spanje liggen er strak bij. Maar het is wel een mooi avontuurlijk weggetje waar we met een slakkegangetje overheen tuffen. We zien nog een mooi meer maar omdat de klok tikt stoppen we wel voor foto maar stappen we niet af. Inmiddels komen ons ook de paard met wagen tegemoet. Ik had er over gelezen maar het waren er maar paar in tegenstelling wat in het boek stond, dat je er veel last van had. Hierna draaien we naar het westen en rijden we aan de kust van het schiereiland. In Glenbeigh stoppen voor koffie bij de restaurant “the two towers”.

    We krijgen een geurige bak koffie en het smaakt ons prima. Na de koffie rijden we weer verder. De weg gaat als het ware helemaal langs de kust. Voor de lunch stoppen we aan de zuidkust van Kerry bij Glenbeigh Beach. Als je de foto’s ziet lijkt het wel of ergens in zuid Frankrijk zijn, maar dit is ook Kerry. Het restaurant heeft tafels buiten en een glazen afscheiding beschermt ons voor de wind over de koude atlantische oceaan. We kiezen wat lekkers uit en genieten van het eten en het uitzicht. Na de lunch rijden we weer in oostelijke richting verder, terug naar Kenmare, maar omdat we nog tijd hebben besluiten we nog naar Healey’s Pass Dus in Kenmare gooien we de brommers nog even vol bij de pomp en gaan naar het schiereiland Beara dat ten zuiden van Kerry ligt. Op Beara ligt Healey’s Pass. De weg volgt een stukje de Noordkust van het schiereiland. om vervolgens naar het zuiden af te buigen. De weg lijkt een beetje op een landweg en de toestand is niet best. Maar het uitzicht is werkelijk schitterend. Daarvoor waren we naar Ierland gegaan de mooie natuur. We nemen ruim te tijd om foto’s te maken.

    Daarna rijden we naar de zuid kust van Beara en vervolgen onze weg richting het westen. Als we weer richting het oosten gaan stoppen weer om wat foto’s te maken. We kijken van af boven naar de kust beneden waar de golven de kust bombarderen. We slingeren met de kustweg terug richting Kenmare. Onderweg zien we een ongeluk tussen een auto en fietser, welke voor de laatste desastreuse gevolgen heeft gehad. Daar worden we toch een beetje stil van. We hadden het onderweg wel gehad over de onoverzichtelijke bochtjes maar dat dit ook een fietser treft wordt je wel stil van. We zijn dan niet ver meer van Kenmare. In Kenmare parkeren we de motoren weer achterom en ik hang alle spullen die opgeladen moeten worden aan de stroom, daarna gaan we naar beneden in de bar voor een biertje. Het is gezellig beneden en als even later een meneer met een gitaar zijn liedjes ten gehore brengt besluiten we ook maar voor het eten te blijven zitten. Maar in plaats van een volledige maaltijd bestellen we een paar rondjes starters zodat we van alles kunnen proeven. Otto overtuigd ons dat we ook het lokale bier moeten proberen. Ik laat me overhalen maar het is niets voor mij, ik ben sowieso niet zo’n bierdrinker. We blijven tot circa middernacht voor we naar bed gaan. Morgen is het schiereiland Dingle aan de beurt.

    Geschreven door:

    op:

Deze website maakt gebruik van cookies enkel om de website goed te laten functioneren

Privacy policy