Motortoertochten

  • Routes maken met Jeroen

    Gisteravond met Jeroen samen aan de routes gewerkt. Buiten dat het heel gezellig was zijn we ook behoorlijk productief geweest. We hebben samen het eerste stuk van de route bekeken die ik al had gemaakt. Die voert ons van Harwich naar Betws-Y-Coed, ik razend benieuwd hoe je dat moet uitspreken maar goed. Flinke rit op de eerste dag, maar dat geeft ruimte op de tweede dag. Die tweede dag gaan we naar Holyhead om de boot naar Dublin te pakken en ons ’s avonds onder te dompelen in het uitgaansleven van Dublin. Vanuit Dublin gaat het dan richting het zuiden over de Wicklow mountains richting Youghal aan de zuidkust waar we voor een “apple and a egg” een appartement hebben geboekt. Vandaar gaat de rit parallel aan de zuidkust verder naar Kenmare. Daar verblijven we twee dagen. Vanuit Kenmare rijden we de ring van Kerry en het zuidelijker gelegen schiereiland. Overnachting hierna dus weer in Kenmare. Tot zover zijn we dus gekomen. Het globale plan hebben we eerst gebogen over de Michelin kaart gemaakt, zo behouden we het overzicht en de Michelin kaart geeft inzicht welke gebieden hoogte hebben en daarnaast staan staan de mooie routes aangegeven met een groen lijntje er naast. Vervolgens der route in Basecamp gezet en onduidelijke punten gecontroleerd met Google Earth. We komen over twee weken weer bij elkaar en denken dan de route over Dingle te laten lopen en daarna richting het oosten weer richting huis.

    Geschreven door:

    op:

  • Gaat gebeurâh!

    Eergisteren hebben we tijdens de Highway Hornets Meet de piketten geslagen. Data en overtochten zijn door gesproken. Nadien hebben we weer een steakhouse bezocht en een paar bonken vlees gegeten. Vandaag heb ik de overtochten geboekt bij Stena Line. Alle overtochten in één ticket geboekt. We gaan van Hoek van Holland naar Harwich met de nacht boot dus ook een hut en ontbijt geboekt. Voor de terugweg het zelfde recept. Op de heenreis gaan we van Holyhead naar Dublin in Ierland en op de terugreis van Rosslare naar Fishguard in het Verenigd Koninkrijk.

    We hebben er nu al zin in!

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 7 Reserve dag -> Monaco

    Vandaag slapen we lekker uit. Onze reserve dag gebruiken we voor een tripje naar Monaco. We redden het ontbijt nog maar net. De stemming zit er goed in, mijn klachten zijn bijna verdwenen. Om een uur of elf rijden we weg naar de boulevard. plan is de kustweg tot Monaco te volgen. Het is al behoorlijk warm, ik draag alleen een korte broek en een T-shirt onder de motorkleding. Flipflops zitten in de topkoffer voor in Monaco. We hebben de topkoffers trouwens zo leeg als mogelijk gemaakt zodat de helm en de motorkleding er in past. De motorjas staat op maximaal ventileren, dat is ook wel nodig. Halverwege stoppen we bij een uitzicht punt om een paar foto’s te maken. We halen ook maar even wat te drinken bij het stalletje dat daar staat. Het uitzicht is echt genieten.

    Je vergaapt je gewoon aan de grote schepen die hier in de baai liggen. Bij een van deze plezierjachten worden passagiers aan boord gebracht met een helicopter, lekker decadent. Opeens moet ik aan Gerard denken, jammer dat hij er niet bij kan zijn en ik heb ook medelijden met zijn situatie. Ik besluit hem te bellen, om te zeggen dat we hem missen. Gelukkig neemt hij op en we vertellen een stukje van ons avontur tot dan. We nemen weer afscheid en hangen op. Tijd om weer verder te gaan. We volgen de kustweg naar Monaco, naar mate we dichter bij ons doel komen des te drukker wordt het. Vlak bij Monaco rijden we de file in. In Monaco is het knetter druk. Overal staan scooters geparkeerd en krijg twijfels of we wel een parkeerplek gaan vinden. De politie is prominent aanwezig en hoewel wij beste brave borsten zijn, we extra attent op de verkeersregels. Komt er een motoragent gewoon in een overhemd voorbij rijden, lekker dan, wij in vol ornaat. In de haven vinden we een motorparking met plek voor drie motoren en nog gratis ook. Snel de motorkleding uit en de flipflops aan, inmiddels is het zeker 25 graden. Wij kijken eerst in de haven rond waar op dat moment een mega jacht door de bemanning achteruit wordt ingeparkeerd. Dat valt nog niet mee, het duurt erg lang en we besluiten dan ook hier niet op die treuzelaars te wachten.

    We plakken wel een sticker dat we er geweest zijn, dat dan weer wel. We slenteren langzaam door de nauwe straatjes richting het kasteel. We bekijken verschillende souvenirshops om te kijken of ze misschien een badge voor ons hebben. En weldra hebben we ze gevonden, die gaan mee. Bij de ingang van de oprijlaan van het kasteel ruimen gemeentewerkers de restanten van de markt op. Wij zijn inmiddels toe aan het op peil brengen van de vocht balans en nemen plaats aan een van de terrasjes.

    De bediening heeft er kennelijk geen zin in en net als we op het punt staan op te stappen komen ze dan toch de bestelling opnemen. Naast ons zit een jonge vrouw met een duidelijk oudere man, ik hoop maar dat dit haar oom of haar vader is, maar dan ze wel erg intiem. Maar goed de cola glijdt er in en omdat het daar niet zo gezellig was tekenen we gelijk af en lopen nog even de overdekte markthal door. Hier was niets bijzonders te zien en vervolgen wij onze wandeling naar het kasteel. In het kasteel hangen we de toerist uit en lopen shopje in en uit. In een van de smalle straatjes bestellen we een broodje met een frisje. Door de schaduw in de steegjes is daar prima uit te houden. Na het eten hebben we het wel weer gezien en slenteren langzaam weer terug naar de haven.

    In de haven vergapen we ons nogmaals aan de grote jachten die daar zijn afgemeerd. Ik vraag mij af of het mogelijk is om legaal aan zoveel geld te komen, voor het zelfde geld zijn het allemaal zeerovers. We hijsen ons weer in de beschermende kleding en vertrekken snel om weer rijwind te krijgen, maar dat valt nog niet mee het is druk op het circuit. We rijden gewoon de kustweg terug naar ons hotel in Nice. Daar gaat de boel weer op slot en zo snel als mogelijk in kortebroek flipflops en T-shirt. We gaan weer naar het terras aan het strand want hoewel het bier duur is is het er wel prettig toeven. We bestellen gelijk zo’n gele rakker om het weggelekte vocht weer aan te vullen. Ik kijk een beetje rond over het terras en focus later op de horizon, want ik hoor het markante geluid van WOII gevechtsvliegtuig. Niet veel later krijg ik het toestel in het oog, het volgt schijnbaar laag over het water de kustlijn. We volgen het toestel nog even en we zien dat het nu weer in bocht beschrijft onze kant op. De camera’s gaan in de aanslag en we weten het vliegtuig te filmen. Echt een gaaf gezicht. Bij schemering gaat de strandtent dicht en wij lopen weer terug naar het hotel. Voor het eten willen we ons toch wat beter kleden. Omdat we gisteren best wel lang naar een restaurantje gezocht hadden en het eten daar goed was besluiten we daar weer te gaan eten. Na het eten nog een koffie als toetje en dan weer terug naar het hotel. Morgen wacht ons een warme dag als we de kustweg naar Genua gaan volgen.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 6 Valberg naar Nice

    Na wederom een onrustige nacht wordt ik zwetend wakker. De temperatuur is duidelijk anders dan gisteren. Douchen en op naar het ontbijt. Het ontbijt is weer super! Ik ga even naar de apotheek om de voorraad paracetamol aan te vullen. Blijkt dat ze hier 1000 mg tabletten hebben, handig! Ik koop ook mondspoeling met een anti-bacteriële werking. Dat blijkt een gouden zet. Terug ik het hotel begin in gelijk met een keer spoelen, en oei oei wat prikt dat, dat moet gewoon goed werken. We pakken de spullen bij elkaar en halen de brommers uit de kelder van het hotel. Na het plakken van de sticker en afscheid te hebben genomen van de hotelier rijden we de route des grandes alpes weer  op. We hebben gisteren niet getankt en na een poosje wordt tijd voor te tanken in Saint-Martin-Vesubie. Die naam alleen al. Het is ook tijd voor de koffie en we stoppen op wat lijkt op een marktplein. Het was even zoeken hoe we erop konden komen om de motoren in de schaduw te kunnen parkeren. Aan de overkant van het plein is een soort van restaurant waar we onder de parasol gaan zitten. Helaas hier geen foto’s van en dat is raar want het was er erg mooi. Zo’n typisch zuid-Franse pleintje. We drinken op ons gemak koffie, vandaag slechts 150 km te rijden. Ik bestel nog een wafel, toe maar. Na afloop spoel weer met het mondwater, en voor mij gaat het steeds beter. Dat had ik dus veel eerder moeten doen. Na een uurtje stappen we weer op, we rijden weer een klein uur via mooie bergwegen die de contouren van de berg volgen en het lijkt wel of ze uit de berg gehouwen zijn. Rond lunchtijd komen we aan op de col du Turini. Deze col speelt ook een rol in de rally van Monte Carlo. We parkeren de motoren op de parkeerplaats ontdoen ons van de motorkleding en gaan bij het relais op het terras zitten. Het is 24 graden en zonder de motorkleding gewoon lekker. We bestellen een broodje met een glaasje fris er bij.

    >

    Ondertussen zien we een kleine hagedis over de muur gewoon omhoog lopen.  Hier nemen we wel de tijd om wat foto’s te maken.

    Na de lunch en foto’s rijden we richting de laatste col van deze trip, de col de Sospel. Bij het naderen van de col is mijn navigatiesysteem van slag hij stuurt me verder de route op. Omdat we het waypoint van de col gepaseerd zijn. En dat klopt ook we zijn er onder door gereden we moesten nog hoger zijn dus. Dat betekend omdraaien, ik had het al vlug in de gaten dus we hoeven slechts een 100 meter terug naar de afslag te rijden. Daar rijden we verder omhoog. Na een poosje rijden we een tunnel in en na de tunnel stoppen de bordjes gewoon. En omdat ik rechtshandig ben sla ik rechts af. Truus begint te miepen dat ze wil herberekenen. Dat wil ik dus niet dus ik druk op “anuleren”. We draaien weer om, rijden weer terug en daar staat het bord van de col. Niet te zien van de kant dat wij kwamen en bijna voor de uitgang van de tunnel. Dat maakte de verwarring dus. We zetten de motoren op de standaard want we kunnen dus niet verder voordat we een bewijs van onze aanwezigheid achterlaten.  We plakken een sticker op het bord en Otto maakt een praatje met een Duitser die ookt even stopt voor foto’s.

    Eigenlijk is voor ons hier afgelopen, niet wetende wat voor moois er nog moet komen. De weg van vandaag was zeer indrukwekkend. Gisteravond hadden we besloten niet naar Menton te gaan, formeel eindigt de route des grandes alpes in Menton. Maar aangezien de hotels in Menton erg duur zijn hadden wij dus besloten naar Nice te gaan. Daar hebben we gisteravond via internet een hotel geboekt 100 meter van het strand, lekkah! Otto tikt op zijn navi het adres van het hotel in en dit keer leidt Otto het konvooi naar het zuiden. Via een verbindingsroute rijden we naar de D2204. Wat een parel van een weg. Dit is echt een onbekend juweeltje die je niet mag missen. We rijden rechtsstreeks door naar Nice, we stoppen niet meer voor koffie omdat het nog maar een korte afstand is. De D2204 heeft een afdaling via 20 haarspeldbochten echt mooi! Naar mate dat we dichter bij Nice komen is er meer bebouwing en wordt het steeds drukker. Rond 17:00 uur komen we aan bij het hotel. We parkeren de motoren voor het hotel op de stoep. We halen de spullen die we nodig hebben uit de koffers en sluiten de boel goed af. Daarnaast zetten we motoren met kettingen aan elkaar vast. Snel brengen we de spullen naar onze hotelkamer. We hijsen ons in de het campingsmoking, korte broek, t-shirt en teenslippers en nemen de lift weer naar beneden. We moeten natuurlijk met onze tenen de middelandse zee voelen. We gaan op het strand terras zitten, want we hebben gezweet met het motorpak aan en dat moeten we natuurlijk aanvullen…. uiteraard met bier. Gezien de prijs van het bier nippen we aan onze biertjes. Jeroen gaat trouwens iets verder dan met z’n tenen in de zee. Hij gaat een stukje zwemmen. Ik was dat ook van plan maar het temperatuursverschil was mij te groot. Dus de ouwe mannen kijken vanaf het terras toe hoe onze benjamin de golven trotseert. Tijdens de schemer lopen we terug naar het hotel. We trekken weer wat meer bedekende kleding aan om te gaan eten. We eten pizza bij een restaurantje vlak bij het strand. Na het eten kopen we bij de supermarkt nog wat te drinken voor op de kamer. Terug in het hotel moeten natuurlijk de filmpjes en foto’s weer veilig worden gesteld op de laptop en op de externe harde schijf.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 5 Briancon naar Valberg

    Na een wat onrustige nacht schreeuwt de wekker moord en doodslag, het is tijd om op te staan. Langzaam kom ik overeind en ga eerst mijn behoefte doen, first things first. Daarna loop ik naar het balkon om naar buiten te kijken en pfff het regent. Daar worden we niet vrolijk van. Om beurten handelen we ochtendritueel in de badkamer af. Ondertussen de spulletjes weer in de binnentassen stoppend zodat we na het ontbijt gelijk van pleitmans kunnen. Terwijl we de trap aflopen richting het ontbijt ben ik benieuwd wat ons dat gaat brengen. Want enerzijds prijzen ze zichzelf als uitvalsbasis voor motorrijders aan en anderzijds, het blijven Fransozen. En eerlijk is eerlijk ze hebben zelfs parkeerplaatsen voor motoren. In de eetzaal aangekomen zien we een uitgebreid ontbijt buffet en zelfs de koffie is goed te drinken. Mijn kaak is er niet beter op geworden dus ik tik eerst twee paracetamol weg. Vervolgens maak een bekertje yoghurt meester. Daarna haal ik wat fruit altijd goed voor de vitamientjes. Na het ontbijt haal ik eerst de binnentassen op om deze in de koffers te stoppen. Een ander stel motorrijders is al vertrokken dus ik kan goed bij de zijkoffer. Daarna weer naar boven om de motorkleding en de regenkleding aan te doen want het regent nog steeds. Beneden staat een leuke jonge dame van het hotel klaar met een handoek voor ons om het zadel droog te maken, niet slecht die service. Dus dit hotel, hotel Edelweis in Briancon is een aanrader. Bij de eerste gelegenheid tanken we de motoren af, daar moeten we de hele rit mee kunnen doen. We gaan weer verder in zuidelijke richting. Hoewel het regent is het goed te rijden. De weg slingert zich door het bergachtige gebied, onderweg zijn er veel kleinde dorpjes die zich aan de weg uitstrekken in een typische lint bebouwing. Rond koffietijd stoppen in Guilestre, we parkeren de motoren op het kerkplein tegenover de kroeg “Le Pub”. Daar gaan we onder het afdak zitten en bestellen een bak koffie. Onder het afdak hoeven we niet onze motorkleding af te pellen en kunnen zicht houden op onze motoren. Als goed katholiek ahumm…. weet ik natuurlijk dat tegenover de kerk bijna altijd een kroeg is. En dat vele kerkgangers de kerk niet hebben gehaald 🙂 En hoewel het slecht weer is zijn we toch in een goed humeur. De regen valt ansich nog wel mee. Na de koffie stappen we weer op het is zowaar even droog. We rijden richting zuiden en over niet altijd te lange tijd heb ik een vraagteken op route in de navi staan. De vraag is: rijden we nog de Col de La Bonette omhoog of gaan we verder richting zuiden. Maar eerst nog een lekker stukje sturen. In het dorpje zie ik bakker en we stoppen even kort om te kijken of daar kunnen lunchen, maar jammer de bakker is gesloten en er is geen plek om even te zitten en dus geen koffie. We rijden verder en komen in Jausiers aan daar stop ik even kort op een parkeerplaats of grote bushalte om met Otto en Jeroen te overleggen wat we doen met de col de La Bonette. We besluiten ondanks het weer deze omhoog te rijden, we zijn er nu wie weet wanneer we weer in de gelegenheid zijn. We spreken ook af om kijken waar we kunnen lunchen. Maar ietsjes verder in Jaustiers zien we aan de afslag naar de col de La Bonette een restaurantje. We stoppen en we zetten de motoren op de bok. Bij het restaurant kunnen we weer buiten zitten, de temperatuur is gestegen en het is lekker. Ik heb eigenlijk niet veel honger en zou voldoende hebben met een broodje maar dat staat niet op de menukaart. Er staat wel een crock monsieur op, die bestel ik dan maar. Even later komt de ober die ergens in de hippie tijd is blijven hangen met een gigantisch bord patat en sla. Oh ja er lag ook ergens een tosti. Tot zover klein gerechtje, dacht al dat 9 euro best veel voor een tosti is. Wel laten het ons dan maar goed smaken. Na ongeveer een uurtje stappen we op. We draaien richting oosten, richting Italië om de col de la Bonette op te rijden. De weg stijgt sterk en onderweg zien we oude militaire bouwwerken. We zien een schaapsherder met een grote schaapskudde die de berg af komt. Naar mate dat we hoger komen wordt het weer slechter. Met name de wind wordt steeds straffer. Tot het moment dat we bijna de top hebben bereikt, op dat moment kunnen we nog nauwelijks onze motoren overeind houden. Op dat moment neem ik samen met Otto het besluit dat het mooi is geweest en dat we omdraaien om weer naar beneden te rijden. Op de weg terug kalmeert het weer wat en na een tijdje moet ik stoppen voor een sanitaire stop. We stoppen bij een restaurant dat lager dan de weg ligt. Het restaurant blijkt gesloten, jammer we hadden ook gehoopt een batch van deze col te kunnen scoren. Maar de blaas moet toch leeg en dus zoek ik een plekje waar ik waarschijnlijk niemand tot last zal zijn. Daarna stappen we vlug weer op richting Valberg. We passeren het restaurant en slaan links af.  We volgen de doorgaande weg de D902 naar col de la Cayole, echt een mooie slingerweg. Het begint weer te regenen en boven stoppen we kort bij het monument en nemen foto.

    We maken nog een praatje met een man die op de parkeerplaats staat met een camper. Hij is vanuit de warmte toch naar buiten gekomen om met ons een praatje te maken. Hij blijkt ook motor te rijden en zou hier ook wel willen rijden. Maar nu is hij met de camper op vakantie. Na een kleine 10 minuten rijden we verder richting Valberg. Het gaat nu stevig bergaf. Inmiddels is het ook tijd voor koffie geworden. Boven op de col was er geen restaurant en ergens in de afdaling zie ik een restaurant met een grote tent ervoor. Aangezien het nog steeds regent lijkt het me goed daar dan te stoppen voor koffie. Het restaurant blijkt Relais de la Cayole te heten. We krijgen een lekkere bak koffie om de kern temperatuur weer wat op te krikken. De koffie is net geserveerd als er nog twee motorrijders stoppen die vanaf de andere kant kwamen. Zij stopte eigenlijk alleen om de regenkleding aan te trekken. Ook Nederlanders blijkt. Ik help één van de twee met zijn regenoveral goed te doen en hij verteld dat zij vanuit het zuiden komen en nu net de regen in rijden. Voor ons een goed teken, voor hun niet zo. Maar helemaal er op vertrouwen doe ik niet, ik houd mijn fleece aan als we weer vertrekken. Niet veel later blijkt dat helemaal verkeerd te zijn. Eenmaal helemaal afgedaald het dal in is het daar zo’n 25 graden, da’s best wel warm met je regenkleding met daaronder je motorkleding en daaronder nog een fleecevest. Dus vlug stoppen om dat allemaal uit te pellen. We staan naast een bergrivier, het is hier echt mooi. We nemen wat foto’s en rijden weer verder.

    In Guillaumes verlaten we de D902 om over de D28 naar de Col de Valberg te gaan. Dit is een weg die uit de rotswand lijkt gehouwen met rechts een rivierbedding. De weg volgt de grillige contouren van de berg. Helaas is ook het wegdek grillig en na een poosje meldt Otto dat hij er niet vrolijk van wordt. Gelukkig is het hotel niet meer ver weg. Op de col de Valberg stoppen we voor het plakken van de hornets sticker en wat foto’s.

    Ze worden wel bekeken die stickers want de website heeft bezoekers uit de omgeving waar we gereden hebben. Na slechts enkele kilometers rijden we Valberg binnen. Valberg kent zijn hoogte momenten waarschijnlijk in de winter, het is echt een skioord. Bij het hotel aangekomen informeren we naar kamers en we hebben weer mazzel er is nog een vier persoonskamer voor ons vrij. We mogen de motoren in de kelder van het hotel parkeren. Vlug zetten we de brommers binnen neer en zeulen met onze bagage naar boven. Vlug de motorkleding uit want het is behoorlijk warm. Ik kan wel een douche gebruiken. Na dat we gedoucht hebben gaan we op zoek naar wat te eten. In het dorp vinden we grilrestaurant waar meer mensen zitten. Er vanuit gaande dat dit een goed teken is gaan wij ook naar binnen. En inderdaad is het er gezellig, de menukaart ziet er goed uit en de prijzen zijn schappelijk. Ik bestel dit keer pasta, want daar heb ik zin in. Uiteraard een bier erbij om de keel te smeren, niet dat dat nodig is want ik ga niet zingen. Na het eten slenteren we terug naar het hotel. Jeroen en Otto nemen nog een afzakker in het hotel, ik had een onrustige nacht gehad en sla dit keer over en ga met twee paracetamol naar bed.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 4 Bourg-Saint-Maurice naar Briancon

    Ik wordt wakker met kiespijn shit. Maar goed we zijn niet kinderachtig, twee paracetamols er in en we kunnen er weer tegen. In de badkamer is het een beetje behelpen. Het is gedateerd en er zit wel een mega grote wasbak in. Terug in de kamer kijk nog even rond, echt jaren 50 met een Perzisch tapijt op de grond bedden waar Louis de Funes nog op geslapen moet hebben. We gaan naar beneden om te kijken wat het ontbijt ons brengt. Dat is niet slecht al zeg ik het zelf. Maar vanwege de kiespijn houd ik het toch maar bij yoghurt, jus des oranges en een bak koffie. De koffie was trouwens wel nasty, maar 2 van 3 is ook wel goed. Na het ontbijt lopen we een paar maal met onze spullen naar de motor en halen ook het hangslot eraf. Tenslotte komen we in vol motor ornaat naar beneden en betalen onze schulden bij de bejaarde schoorsteen. Jeroen is dit keer de vrijwilliger om de kaart door het apparaat te halen. We proberen om beurten te betalen aan het eind van de rit maken een spreadsheet op met de balans en trekken we de onkosten gelijk. Vanochtend is het koud. We rijden naar de splitsing die ons naar de col de L’Iseran brengt. Op de splitsing is een tankstation waar we de brommers eerst even aftanken. Daarna gaat het omhoog en omhoog naar de col. De col de l’Iseran is slechts 50 km weg. Het is lekker rijden. Naar mate we hoger komen maakt het groen plaats voor grintachtige steen.  Col de l’Iseran is 2770 meter hoog. Eén van de hoogste berijdbare bergen in Europa. Ondanks dat het pas augustus is, is het er erg koud. Er valt zelfs een beetje stuif sneeuw. We hebben moeite om een foto te maken. Iedere keer als we denken dat het kan stopt er prompt iemand precies voor het monument. Gaat op z’n gemak van de brommer of fiets en gaat uitgebreid foto’s staan maken vraagt nog aan omstanders om een foto te maken, gaat bellen enfin jullie begrijpen het wel. En toen we dachten dat we uiteindelijk “aan de beurt waren” komt er een bestelauto die doodleuk tussen ons en het monument aan de overkant van de weg komt staan aaaargh. De vriendelijkheid voor dat moment was op en drong bij de bestuurder er op aan dat hij moest opzouten, dusss. Het is dan uiteindelijk wel gelukt alleen iemand vragen ons drieën op de foto te zetten hebben we maar gelaten voor wat het was.

    Jeroen heeft voor ons nog badges gescoord voor onze tour polo’s. Die beginnen al aardig vol te raken. We vertrekken weer in zuidelijke richting. We dalen naar Bessans waar we koffie gaan drinken. Daar waren we inmiddels aan toe. We vinden een restaurantje dat geopend is en bestellen een warme bak koffie. Het was boven goed koud dus lekker de “core temperature” even op krikken.  Na een half uur vertrekken we weer de col du telegraphe wacht op ons.  Na een poosje rijden we door tunnels aan de rand van Lac du Chevril. Aan een van de tunnels wordt gewerkt en we wachten voor het stoplicht. Naast ons staat een ploeg schaatssters uit Utrecht die hier op de racefiets aan het trainen zijn. We kletsen wat met ze zolang het licht op rood staat. Bij het groene licht scheiden onze wegen weer en wij gaan op naar Val de Isere weer zo’n skioord, ik ben nooit wezen skiën maar dit ziet er wel leuk uit. Met de sneeuw zal het er wel sprookjesachtig uitzien. We rijden er rustig doorheen en zien aan het einde van het oord nog de rest van de schaatsploeg staan. We zwaaien maar ze weten natuurlijk niet wie wij zijn. Wij zijn de Hornetszzzz. Hierna wordt het allemaal wat vlakker en op een gegeven moment rijden we zelfs parallel aan een snelweg. In Saint-Martin D’Arc pakken we de D902 weer op en krijgen we een heerlijk stuurweg voorgeschoteld. Het enige wat een spel bederver is dat er grote stukken wegdek gefreesd zijn. De motorfiets lijkt dan een eigen willetje hebben en zoekt zijn weg in rillen die zijn ontstaan. Dus af en toe maakt je hart een huppeltje maar het gaat goed. Ik na dat ik ergens de bocht om ga twee motorrijders voor ons rijden die mij bekend voorkomen. Ik had gisteravond een email van René gehad met de vraag of hij onze planning kon hebben zodat hij een beetje kon volgen. Ik had hem daarop ons routeboek gemaild. Ik had even het idee dat hij ons gefopt had en dat hij voor ons reed. Maar dichterbij gekomen blijkt er geen geel nummerbord op de motorfiets te zitten. Op de col du Telegraph is het lekker van temperatuur. We maken wat foto’s en nemen daarna plaats op het terras.

    We gaan hier onze lunchpauze nemen. Ondertussen kijken we naar een organisatie van wielrenners. De renners die boven komen worden begeleid door een team van ondersteuners. De bediening is snel, je kan merken dat dit ervaren mensen zijn. We hebben ruim de tijd. De col de Galibier is slechts 25 km verderop. Na de lunch gaan de camera’s weer aan. Het belooft weer een flink stuk omhoog te gaan want de col du Galibier is 2642 meter hoog. En inderdaad heerlijke stuurweg omhoog. Boven gekomen zie ik geen monument niks dat een tunnel voor me. Blijkt dat ik de afslag gemist heb. Deze is 25 meter terug dus we laten het verkeer even voorbij gaan en draaien dan terug om de laatste kilometers naar boven te rijden. Boven is het drukte van jewelste op een relatief kleine parkeerplaats. Daar is het weer het zelfde verhaal als op de andere col. Wielrenner na wielrenner gaat voor het monument poseren om op de foto te gaan. Het is dan ook wel een hele prestatie om daar naar boven te fietsen, niets dan respect voor de jongens en meisjes. Maar kennelijk maakt ze dat blind voor hun omgeving en beetje minder sociaal, beetje jammer. We gaan dus maar niet poseren maar het lukt ons wel op enig moment de brommers voor het monument in beeld te krijgen.

    De weg naar beneden is kennelijk nog niet zolang geleden van nieuw asfalt voorzien. Heerlijk gewoon met scherpe haarbochten. Er zijn geen vangrails een stuurfout of onbezonnen actie kan hier keihard worden afgestraft. Bij de uitgang van de tunnel is een souvenirshop waar we nog een badge kunnen scoren.  Dan gaat het verder richting Briancon dat dan nog maar 30 kilometer is. In het begin daalt de weg nog verder naar de col du Lauteret die eigenlijk ongemerkt aan ons voorbij gaat. En rond vier uur rijden we Briancon binnen. Vlak bij het hotel is een rotonde en ik kies natuurlijk de verkeerde uitrit wat uitmond in een extra rondje. Maar kwart over vier staan we bij hotel Edelweis. Van buiten lijkt het niet veel maar binnen is best een mooi hotel en we hebben een mooie kamer voor ons drieën. Na de douche lopen we naar de oude burcht in het centrum. We zoeken een plekje om te eten. Na wat omzwervingen en gesloten restaurants vinden we bij de buitenmuur een restaurant waar het gezellig is. We hebben wat moeite om de bediening te vangen maar uiteindelijk lukt het toch om een paar welverdiende biertjes te bestellen. Die glijden er  gewoon in en we gaan dan ook maar wat te eten bestellen. Het wordt een hamburger met frietjes.  Na het eten wandelen we weer naar beneden. We hebben ’s avonds nog altijg wat foto’s en films van de camera’s te halen. Daarnaast af en toe nog wat op onze facebook pagina posten en natuurlijk het thuisfront bellen.

    Geschreven door:

    op:

  • Weer historie Ierland

    Dit is een tabel met gemiddelde waarden gedurende 30 jaar.

    Bron: weatherbase

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 3 Thonon Les Bains naar Bourg-Saint-Maurice

    ’s Morgens na dat we wakker zijn geworden kijken we nog even uit het raam naar het meer van Geneve. Vanuit onze kamer kunnen we er nog een hoekje van zien. Om beurten gaan we douchen en ruimen ondertussen onze binnentassen weer in. Het weer ziet er goed uit. Om een uur of half negen nemen we de lift naar beneden om te ontbijten. En ik wordt blij verrast dat ontbijt in IBIS hotel niet het gebruikelijke droog stokbrood met jam en vieze koffie, maar echt een uitgebreid ontbijt. Zou ze het dan toch leren, die fransozen? Na het ontbijt halen we boven onze spullen om deze weer in de motoren op te bergen. Dan nog ff terug voor de motorkleding en de helm en dan kunnen we op pad. We rijden richting centrum en stoppen bij het tankstation om de motoren van de broodnodige octaan houdende benzine te voorzien. En dan begint dan toch echt de route des Grandes Alpes. In het begin slingert de weg zich door de voetheuvels. Onderweg zien we dat het ’s nachts nog geregend heeft, de weg is nog nat. Dus voorzichtig op het gas in de bochten. Als waarschuwing staat er ergens nog een auto klemvast in een stuk overhangende rots gereden. We passeren een restaurant waar een groot aantal motoren staan geparkeerd. Wij zijn pas net onderweg en rijden lekker door. De eerste col, de col des Gets is een beetje een deceptie, het is gelegen in wat grotere plaats en we zien geen bord die de col aangeeft. We rijden nog een stukje door tot Chatillon Sur Cluses. Daar stoppen we bij een restaurant voor koffie. Terwijl we daar zitten komt er flinke collonne van een circus voorbij. Ze rijden circa 25 km per uur. Shit als we daar achter zitten door de bergen worden we daar niet vrolijk van. Maar voorlopig zitten we aan een lekkere bak koffie, helaas zonder gebak. Na de koffie plakken we eens sticker op het restaurant en rijden weer door in zuidelijke richting. Er wacht ons een mooie afdaling. De afdaling brengt ons in Cluses waar een stukje door de stad moeten rijden. Voor ons zien we het circus rijden. Vervolgens is de weg die ik gepland had afgesloten. We rijden een stukje in oostelijke richting en steken vervolgens door een wijk om weer op de D902 uit te komen. Het circus zijn we gelukkig kwijt. We stijgen richting de col de la Colombiere. Daar aangekomen is alles dicht en we hebben trek dus we stoppen niet maar rijden door. Even verderop in het berg dorpje La Chinaillon vinden we een bakker met een terrasje en parkeerplaats voor de deur -perfect-.

    Binnen zoeken we wat lekkers uit, ik ga voor een quiche Lorraine en een grote kom cappuccino. We eten op ons gemak het is lekker weer en het uitzicht is mooi. Ik experimenteer wat met de selfiestick die ik pas gekocht heb. Dat is nog niet gemakkelijk blijkt later uit de opnamen. Toen we in het dorp aankwamen zijn we om een afzetting gereden. Kennelijk is er verderop in het dorp wat te doen. Maar wij keren terug naar de wegversperring om weer naar het open deel te rijden. De geplande route moeten we verlaten maar het blijkt dat de detour ons keurig aan de andere kant van het dorp weer op de route brengt. Een uurtje later moeten we weer door een dorp met festiviteiten, weer afgesloten weg maar hier missen we kennelijk de detour. We proberen tussendoor te sneaken maar worden op een gegeven moment toch terug gestuurd. Komende vanaf de andere kant zien we dan ook de detour die ons weer op de route brengt. Een mooie weg doe omhoog slingert naar de col de Aravis.

    Dit is een col zoals een col hoort te zijn veel restaurantjes, souvenirsshops en vooral veel toeristen. We parkeren de brommers langs de kant van de weg, want we willen hier wel een sticker achterlaten. Deze plakken we op de paal van het bord met de naam van de col, want het bord hangt te hoog om hier een sticker op te plakken. In één van de shops vinden we een batch van de col en een trend wordt geboren. Want bij de volgende col de col de Les Saises vindt Jeroen ook weer een batch. Hier stoppen we voor de koffie. Het is nogal druk maar door creatief met kurk vinden we toch een plek waar onze motoren kunnen staan.

    Het is echt een ski-oord, maar nu zien we dat met de stoeltjes lift mensen met hun mountainbike mee naar boven worden gebracht. Kennelijk kun je over de ski pistes naar beneden rijden. We gaan weer op pad en worden getrakteerd op een schitterende kronkelende weg richting ‘cormet de roselend’. We stoppen eerst voor foto’s bij het lac du Roselend. Hier heb je echt een wijds uitzicht over het meer en de omringende bergen. Nog een klein stukje en we stoppen op de col “Cormet de Roselend”. Het ziet er boven onherbergzaam uit. Een andere rijder is zo vriendelijk om van ons een foto te maken.

    Na de col wacht ons uiteraard een afdaling dit maal met zeer veel haarspeld bochten, heerlijk!. De afdaling brengt ons in Bourg-Saint-Maurice waar we de overnachting hebben gepland. Het vooraf geselecteerde hotel is echter vol. Maar niet getreurd iets verderop zit nog een hotel, daar is wel plek. Het hotel is ergens in de jaren 50 voor het laatst gerenoveerd is en daarna alleen verhuurd. Aan de receptie zit een wat fossiele fransaise die er vanuit gaat dat gerookt vlees langer houdt. Want ze doet aardig haar best. Maar voor de rest is het er wel gezellig :), zeker omdat wij er zijn. We parkeren de brommers achterom en halen onze spulletjes naar de kamer. We kijken op het balkon over de hoofdstraat uit, nog onwetend dat wij ook bekeken worden. Na het opfrissen lopen we het hotel uit om wat te eten. Aan de overkant van de weg is een restaurant en we nemen een tafeltje op het terras. Tijdens de bestelling wist de exotische gastvrouw er uit te brengen dat ze naar ons had zitten kijken terwijl wij op het balkon stonden. Tja, dat weten we dan ook weer. Verder was de hamburger en het bier groot, helemaal goed. We hebben lekker getafeld en daarna nog na wat aandringen wat in het hotel gedronken voordat we naar de kamer gingen om de camera’s op te laden en inhoud van de sd kaartjes op de laptop te zetten.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag2 Belfort to Thonon les Bains

    Ik weet niet meer waar we van wakker worden, maar ik wordt vanzelf wakker. Ik duik als eerste onder de douche. Na een ontspannen douche, moet ik mijn rommel opruimen. Het gadget gehalte is weer hoog, ik moet verschillende adapters opruimen en het verlengsnoer met verdeelblok oprollen. Alles gaat vervolgens weer in de binnentas. Ik weet niet of dat ik dat al een keer heb beschreven maar dat ik zou niet meer zonder willen, geen losse plastic tasjes hoewel je volgens mij wel meer mee krijgt. Maar we hebben over het algemeen toch veel te veel mee genomen. Gebroederlijk nemen we lift naar de ontbijtzaal. We verbazen is weer over het on-frans ontbijt. Gezien onze ervaringen vorig jaar tijdens de rit vanaf de Pyreneeën naar huis, waar het ontbijt vaak te wensen overliet. We laten ons het ontbijt goed smaken. Na het ontbijt halen we onze spullen van de kamer en lopen we naar de motoren die in de garage van het hotel staan. We hadden de motoren ondanks dat ze in de garage staan met het slot aan elkaar gelegd. We moeten ze dus eerst van het slot halen willen we wat bewegingsvrijheid hebben. Niet erg want het slot moet toch onder in de topkoffer. Spulletjes zitten er zo op en dus gaan we na het inleveren van de pasjes weer op pad. Vandaag rijden we naar het begin van de Route des Grandes Alpes, het plaatsje Thonon les Bains gelegen aan het meer van Geneve. We verlaten Belfort en rijden in zuidwestelijke richting naar Besançon. Na een poosje maken de heuvels plaats voor een rivier, hier hebben we vorig jaar ook gereden. En niet veel later passeren we het relais waar we vorig jaar koffie hebben gedronken. Maar nu is het daar nog te vroeg voor. Hoewel er wel wat te zien is trekt de weg zich lang. Het is een provinciale weg waar weinig te beleven is. In de buurt van Besançon en heb ik nog steeds geen geschikte plek voor een koffiepauze gevonden. We draaien de D9 en besluiten bij de parkeerplaats een sanitaire stop te maken en een drankje uit de topkoffer te nemen.

    Ik vindt het prettig altijd wat te drinken bij me te hebben en dit keer had ik wat flesjes energy drink mee genomen. Na een korte stop rijden we weer weg. Rond het middag uur zoeken we in Levier een bakker waar we wat kunnen eten. Maar de bakker die we vinden heeft geen koffie of iets dergelijks. Na het dorpje van oost naar west doorkruist te hebben besluiten we in het restaurant “Le commerce” te gaan eten. Echt een plattelands restaurant met een eenvoudige keuken. We kiezen voor een bord met verschillende soorten vleesbeleg met brood. Daarbij een flinke kop koffie en we kunnen er weer tegenaan. En omdat we tijdens het zoeken ook een tankstation tegenkwamen hebben we ook de brommers van brandstof voorzien. Na de lunch geven we Otto nog de gelegenheid een peukje te doen alvorens we weer in zuidelijke richting gaan. We volgen de D9 nog tot Boujailles waar we de D73 gaan volgen. Nadat we de D471 op zijn geslagen zien we in de verte de heuvels weer verschijnen. Voordat we in Geneve aankomen moeten we nog een flinke bergrug over, lekkah.  Na een poosje draaien we de D252 op. Deze weg slingert zich door de omgeving en later rijden we door en dal. Rond drie uur gaan we langzaam omhoog en in Les Rousses stoppen we voor een bak koffie en het is ook redelijk afgekoeld dus ik wil graag een vest aandoen. We parkeren de motoren op de parkeerplaats bij een souveniers winkeltje en lopen het straatje in.  Na de koffie stappen we weer op want we hebben nog best een stuk te rijden. Onderweg komen we nog een motorclub tegen die een stop hebben ingericht compleet met partijtent. Als we over de bergrug zijn kunnen we het meer van Geneve inmiddels zien. Op de parkeerplaats stoppen we voor foto’s.

    Daarna gaat het de daling in en 20 minuten later rijden we Geneve binnen. Hier is het inmiddels avondspits en we komen maar moeizaam vooruit. De temperatuur is gestegen naar ver boven de 20 graden en ik heb het inmiddels goed warm met de fleece onder mijn motorpak. Als ik na een poosje ook de olie temperatuur zie oplopen en we elkaar even uit het oog verlorgen waren door vershillende stoplichten stoppen we ergens aan de kant voor de weg, om de ons en de motoren te laten afkoelen. We staan aan de rand van het meer van Geneve en genieten van het uitzicht. Inmiddels is Jeroen ook weer bij getrokken en gedrieën staan we gezellig tussen de bomen.

    Tjonge Tjonge was Geneve druk veel mensen die flaneren door de stad. Na een half uurtje rijden we het laatste stuk, we zijn niet ver meer van Thonon les Bains. De weg is nog steeds erg druk en lijkt of er veel bejaarden rijden met een dikke auto die maar de helft van de maximum toegestane snelheid rijden. Ik erger me hieraan, want door dit gedrag gaan andere weggebruikers de meest onmogelijke stunten uithalen om er voorbij te komen. Rond een uur of vijf komen we aan in Thonon les Bains. De route had ik gemaakt tot aan het Ibis hotel. Jeroen is het meest bedreven in de Franse taal dus hij gaat vragen  of er wat vrij is. Helaas en we krijgen ook het bericht dat er waarschijnlijk helemaal niets vrij is in Thonon. Kak dat is balen. Ik kijk nog eens goed om me heen en zie dat dit er heel anders uit ziet dan ik me kon herinneren van streetview met het plannen. Ik kijk op de navi en er schijnt nog een Ibis te zijn en we besluiten daar naar toe te rijden. Daar heeft men wel kamers en we krijgen een keurige familie kamer waar we met z’n allen kunnen slapen, hoezo niet vrij. Raar kennelijk nog wat competitie onderling. Na een verfrissende douche lopen we terug naar de hoofdweg om een restaurant te zoeken. We moeten een behoorlijk stuk lopen richting het centrum maar we vinden dan toch een zijstraat met veel restaurants. We kiezen voor een restaurant waar we buiten kunnen zitten, het is warm genoeg en Otto mag dan tabak verbranden. We drinken er biertje bij en het is een heerlijke avond. Terug in het hotel is tijd om foto’s en filmpjes op de laptop te kopiëren zodat alle sim kaartjes leeg zijn voor het grote avontuur van morgen.

    Geschreven door:

    op:

  • Dag 1 Vianden naar Belfort

    We staan op tijd op, we moeten vandaag een flink stuk toeren yeah! Vandaag een dikke 450 kilometer over de Vogezen naar Belfort. Vorig jaar waren we op de terugweg van de Pyreneeën ook over de Vogezen. Echter toen was er laag hangende bewolking waardoor het mistig was op de colls. Vandaag ziet het er goed uit, het is al zonnig. We gaan eerst maar even ontbijten. Dat is in Hotel Bellevue een waar feest. Het hotel heeft een uitgebreid ontbijt buffet, echt lekker! Omdat we richting Frankrijk rijden komen weer de herinneringen van vorig jaar op de terugweg met karige ontbijtjes die bestonden uit een homp stokbrood en wat jam en belachelijk slechte koffie. Maar goed deze hebben we deze al binnen. Na het ontbijt hijsen we ons in het motorkloffie en we gaan naar de garage om de tassen weer op te bergen. De navi gaat weer op de houder en camera’s op de steuntjes. Eén voor één rijden we naar buiten en verzamelen op de parkeerplaats. Nog even de kaartjes afgeven op de receptie en dan gaan we rijden. Net buiten Vianden neem ik een afslag en kort daarna geeft de navi aan dat ik de weg verder had moeten volgen. Maar Otto zegt zijn navi wel deze weg aangeeft. Dus we volgen deze maar. Ik blijf de route in beeld houden en we gaan min of meer parallel aan de geplande route. Deze is wat landelijker en ik moet zeggen niet verkeerd.

    Aan de grens met Frankrijk tanken we de brommers af maar er gaat bij mij maar twijfel of ik de minimale afleverhoeveelheid wel redt, daarom deel ik met Otto een tankbeurt. Daarna zetten we de brommers bij het wegrestaurant op de stoep en ga ik even afblazen en tevens een bak koffie halen. Na onze koffie gaan we de snelweg op. In de route heb ik een stuk snelweg ingebakken om wat tijd te winnen, 450 kilometer binnendoor door bergachtig gebied kost echt te veel tijd op een dag. Rond de lunchtijd stoppen we bij een wegrestaurant om wat te eten. Het is lekker warm dus de jas gaat uit en we nemen plaats op de hoge krukken. We zijn niet echt hongerig dus alleen maar een capoccino. Vlak daarna draaien we snelweg af en beginnen we aan de rit door de Vogezen. De wegen zijn gelijk wat ik gewend van de Vogezen lekkere bochten. Na een uurtje stoppen we bij een restaurantje voor de lunch maar het restaurant blijkt gesloten te zijn. Ze adviseren een paar honderd meter verderop te gaan kijken daar is nog een restaurant. We stappen op en inderdaad een klein stukje verder zit ook nog een restaurant. Bij gebrek aan belegde broodjes of een uitsmijter neem ik maar een salade en een cola. Grappig de serveerster is gekleed  als een meisje van 18 maar zij is een veelvoud van dat. Het eten wordt en snel gebracht en we laten ons lekker smaken. Na de maaltijd en een bezoek aan het toilet gaan we weer rijden. Puur genieten is het rijden over de Vogezen we zien plaatsen waar we vorig jaar ook reden maar dan de andere kant op en in de dichte mist. Nu is het weer echt schitterend, de zon schijnt en bij een mooi uitzicht over het dal stoppen we om foto’s te maken. Door het heldere weer kunnen we nu lekker ver kijken. We rijden weer een poosje verder tot we bij restaurant Alpen Vue zijn daar waren we vorig jaar ook gestopt maar weinig alpenvue toen, de sticker om te bewijzen dat we er waren zit er nog, wel een beetje verkleurd dat wel.

    De sticker heeft alleen nog min of de meer de blauwe kleur. Het wordt al aardig laat dus we gaan vlug verder. We rijden nog door een mooi stuk natuur met smalle kronkelende wegen. Rond zessen rijden we Belfort in het is lekker druk maar dat is te verwachten rond dit tijdstip. Op gegeven moment zeg de navi dat ik de brug over moet even denk ik dat mag helemaal niet. Omdat ik voor het verkeerslicht stil sta kan ik rustig nog eens kijken en zie ik dat er toch een strook is waar je mag rijden. Bij groen rijden we over de brug. Ik zie al bordjes die naar het station wijzen. Ik weet dat het hotel tegenover het station is. Na een paar minutjes staan we voor het Hotel. Ik kijk om me heen en ik zie geen parkeerplaats. Jeroen is de betere frans spreker onder ons, ik kan alleen bier bestellen, gaat naar binnen om te vragen of ze nog een kamer vrij hebben. Even later komt hij terug met het goede bericht dat er een kamer vrij is en dat we de motoren in de garage achterom kunnen parkeren. We lopen met de spulletjes naar binnen en boeken de kamer. De dame achter de balie zegt zelfs dat we de minibar gratis leeg mogen maken. Opgetogen nemen we de lift naar boven. De kamer ziet er goed uit. Ik wou dat ik dat ook kon zeggen van de minibar. Er staan alleen flesjes water, de grapjas. We ontdoen ons van de motorkleding en gaan weer naar beneden om de motoren in de garage te stallen. Er is plaats voldoende maar toch zetten de motoren dicht bij elkaar zodat we ze met de sloten aan elkaar vast kunnen maken. We gaan terug naar boven en nemen toch maar een flesje water en daarna snel een douche. Ondertussen worden ook de helmen en de camera’s aan de lader gehangen. We gaan aan de juffrouw vragen waar we het best kunnen eten. Ze wijst ons de weg naar het oude centrum waar veel restaurantjes zijn. Op het kaartje leek het best ver, maar eenmaal onderweg blijkt het niet zover te zijn en best een leuke wandeling. We wandelen langs verschillende restaurantjes en besluiten die op de hoek van het plein te nemen. We gaan buiten zitten want het is nog best lekker buiten. Het fort leuk verlicht en ergens schuin aan de overkant van het plein brengt een zangeres middle of the road nummers ten gehore. Ik bestel een bier en steak met frietjes. En het grappige is dat krijg ik ook. Niet dat ik echt van de groente ben maar een beetje sla had ik wel verwacht. Maar goed de steak smaakt net zo goed als het koude bier. We besluiten geen toetje te nemen maar wel nog een koffie. Na de koffie rekenen we af en wandelen nog richting het geluid van de zangeres. We blijven even staan kijken maar lopen dan maar terug naar het hotel. We moeten nog de foto’s en films van camera’s halen en op de laptop opslaan. We kletsen nog wat en Otto gaat natuurlijk nog een peuk doen en dan gaan we naar bed. Morgen weer een flink stuk karren dwars door Geneve.

    Geschreven door:

    op:

Deze website maakt gebruik van cookies enkel om de website goed te laten functioneren

Privacy policy